SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Daardoor kan snel nieuwe veiligheidsinformatie worden vastgesteld. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden. Zie rubriek 4.8 voor het rapporteren van bijwerkingen.
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen
Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit
Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit
Elke voorgevulde spuit bevat 100 mg mirikizumab in 1 ml oplossing.
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen
Elke voorgevulde pen bevat 100 mg mirikizumab in 1 ml oplossing.
Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit
Elke voorgevulde spuit bevat 200 mg mirikizumab in 2 ml oplossing.
Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen
Elke voorgevulde pen bevat 200 mg mirikizumab in 2 ml oplossing.
Mirikizumab is een gehumaniseerd monoklonaal antilichaam dat geproduceerd wordt in ovariumcellen van de Chinese hamster (Chinese Hamster Ovary, CHO) met behulp van recombinant-DNA-techniek.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Oplossing voor injectie (injectie)
De oplossing is een heldere en kleurloze tot lichtgele oplossing met een pH van ongeveer 5,5 en een osmolariteit van ongeveer 300 mOsm/liter.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Colitis ulcerosa
Omvoh is geïndiceerd voor de behandeling van volwassen patiënten met matig tot ernstig actieve colitis ulcerosa die onvoldoende hebben gereageerd op, niet meer reageerden op, of intolerant waren voor conventionele therapie of een biologische behandeling.
Ziekte van Crohn
Omvoh is geïndiceerd voor de behandeling van volwassen patiënten met matig tot ernstig actieve ziekte van Crohn die onvoldoende hebben gereageerd op, niet meer reageerden op, of intolerant waren voor conventionele therapie of een biologische behandeling.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dit geneesmiddel is bedoeld voor gebruik onder begeleiding en toezicht van een arts die ervaring heeft met de diagnose en behandeling van colitis ulcerosa of ziekte van Crohn.
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie en Omvoh 200 mg oplossing voor injectie mogen alleen worden gebruikt voor de subcutane onderhoudsdoseringen.
Dosering
Colitis ulcerosa
Het aanbevolen doseringsschema voor mirikizumab bestaat uit 2 delen.
Inductiedosering
De inductiedosering is 300 mg via intraveneuze infusie gedurende ten minste 30 minuten op week 0, 4 en 8.
(Zie de samenvatting van productkenmerken voor Omvoh 300 mg concentraat voor oplossing voor infusie, rubriek 4.2.)
Onderhoudsdosering
De onderhoudsdosering is 200 mg via subcutane injectie na voltooiing van de inductiedosering elke 4 weken. Deze kan worden toegediend met twee voorgevulde spuiten of voorgevulde pennen van elk 100 mg, of met één voorgevulde spuit of voorgevulde pen van 200 mg.
Patiënten moeten worden beoordeeld na de 12 weken durende inductiedosering en, als er voldoende therapeutische respons is, moet worden overgegaan op onderhoudsdosering. Voor patiënten bij wie op week 12 van inductiedosering niet voldoende therapeutisch voordeel wordt bereikt, kan 300 mg mirikizumab via intraveneuze infusie worden voortgezet op week 12, 16 en 20 (verlengde inductiebehandeling). Indien therapeutisch voordeel wordt bereikt met de aanvullende intraveneuze behandeling, kunnen patiënten starten met een subcutane onderhoudsdosering van mirikizumab (200 mg) elke 4 weken, vanaf week 24. Behandeling met mirikizumab moet worden stopgezet bij patiënten die geen aantoonbaar therapeutisch voordeel laten zien na de verlengde inductiebehandeling in week 24.
Patiënten met verlies van therapeutische respons tijdens de onderhoudsbehandeling mogen elke 4 weken 300 mg mirikizumab via intraveneuze infusie krijgen voor een totaal van 3 doses (herinductie). Indien er met deze aanvullende intraveneuze behandeling klinisch voordeel wordt bereikt, mogen patiënten de subcutane dosering van mirikizumab elke 4 weken hervatten. De werkzaamheid en veiligheid van herhaalde herinductietherapie zijn niet geëvalueerd.
Gemiste dosis
In geval van een gemiste dosis, moeten patiënten geïnstrueerd worden deze zo snel mogelijk te injecteren. Daarna dient de dosering elke 4 weken te worden hervat.
Ziekte van Crohn
Het aanbevolen doseringsschema voor mirikizumab bestaat uit 2 delen.
Inductiedosering
De inductiedosering is 900 mg (3 injectieflacons van elk 300 mg) via i.v. infusie gedurende ten minste 90 minuten op week 0, 4 en 8.
(Zie Samenvatting van de Productkenmerken voor Omvoh 300 mg concentraat voor oplossing voor infusie, rubriek 4.2).
Onderhoudsdosering
De onderhoudsdosering is 300 mg (d.w.z. één voorgevulde spuit of voorgevulde pen van 100 mg en één voorgevulde spuit of voorgevulde pen van 200 mg) via subcutane injectie na voltooiing van de inductiedosering elke 4 weken.
De injecties kunnen in willekeurige volgorde worden toegediend.
Bij patiënten die in week 24 geen aantoonbaar therapeutisch voordeel laten zien, moet worden overwogen de behandeling te staken.
Gemiste dosis
In geval van een gemiste dosis, moeten patiënten geïnstrueerd worden deze zo snel mogelijk te injecteren. Daarna dient de dosering elke 4 weken te worden hervat.
Speciale populaties
Ouderen
Er is geen dosisaanpassing vereist (zie rubriek 5.2). Er is beperkt informatie beschikbaar over patiënten in de leeftijd ≥ 75 jaar.
Patiënten met een verminderde nier- of leverfunctie
Omvoh is niet onderzocht in deze patiëntenpopulaties. Van deze aandoeningen wordt over het algemeen verwacht dat ze geen significante invloed hebben op de farmacokinetiek van monoklonale antilichamen en dosisaanpassingen worden niet nodig geacht (zie rubriek 5.2).
Pediatrische patiënten
De veiligheid en werkzaamheid van Omvoh bij kinderen en jongeren in de leeftijd van 2 tot 18 jaar zijn nog niet vastgesteld. Er zijn geen gegevens beschikbaar.
Er is geen relevante toepassing van Omvoh bij kinderen jonger dan 2 jaar voor de indicatie van colitis ulcerosa of ziekte van Crohn.
Wijze van toediening
Uitsluitend voor subcutane injectie.
Plaatsen voor injectie zijn onder meer de buik, de dij en de achterkant van de bovenarm. Na training over de subcutane injectietechniek kan een patiënt zelf mirikizumab injecteren. Patiënten moeten worden geïnstrueerd om elke keer op een andere plaats te injecteren. Bijvoorbeeld, als de eerste injectie in de buik was, kan de tweede injectie - om een volledige dosis te verkrijgen - in een ander deel van de buik zijn.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
Klinisch belangrijke actieve infecties (actieve tuberculose).
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
De meest gemelde bijwerkingen zijn bovensteluchtweginfecties (9,8%, meest gemeld nasofaryngitis), hoofdpijn (3,2%), rash (1,3%) en injectieplaatsreacties (10,8%, onderhoudsperiode).
Lijst met bijwerkingen in tabelvorm
Bijwerkingen van klinische onderzoeken (tabel 1) staan vermeld volgens de systeem/orgaanklassen volgens MedDRA. De frequentiecategorie voor elke bijwerking gebaseerd op de volgende conventie: zeer vaak (≥ 1/10); vaak (≥ 1/100, < 1/10); soms (≥ 1/1.000, < 1/100); zelden (≥ 1/10.000, < 1/1.000); zeer zelden (< 1/10.000).
Tabel 1: Bijwerkingen
MedDRA systeem/orgaanklasse | Frequentie | Bijwerking |
Infecties en parasitaire aandoeningen | Vaak | Bovensteluchtweginfectiesa |
Soms | Herpes zoster | |
Immuunsysteemaandoeningen | Soms | Infusiegerelateerde overgevoeligheidsreactie |
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen | Vaak | Artralgie |
Zenuwstelselaandoeningen | Vaak | Hoofdpijn |
Huid- en onderhuidaandoeningen | Vaak | Rashb |
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | Zeer vaak | Injectieplaatsreactiesc |
Soms | Infusieplaatsreactiesd | |
Onderzoeken | Soms | Verhoogde alanineaminotransferase |
Soms | Verhoogde aspartaataminotransferase |
a Omvat: acute sinusitis, COVID-19, nasofaryngitis, orofaryngeaal ongemak, orofaryngeale pijn, faryngitis, rinitis, sinusitis, tonsillitis, bovensteluchtweginfecties en virale bovensteluchtweginfecties.
b Omvat: rash, maculaire rash, maculo-papulaire rash, papulaire rash en pruritische rash.
c Gerapporteerd tijdens de onderhoudstherapie met mirikizumab waarin mirikizumab als subcutane injectie werd toegediend.
d Gerapporteerd tijdens de inductietherapie met mirikizumab waarin mirikizumab als intraveneuze infusie werd toegediend.
Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen
Infusiegerelateerde overgevoeligheidsreacties (inductietherapie)
Infusiegerelateerde overgevoeligheidsreacties werden gemeld bij 0,4% van de met mirikizumab behandelde patiënten. Alle infusiegerelateerde overgevoeligheidsreacties werden gemeld als niet ernstig.
Injectieplaatsreacties (onderhoudstherapie)
Bij 10,8% van de met mirikizumab behandelde patiënten werden injectieplaatsreacties gemeld. De meest voorkomende reacties waren pijn op de injectieplaats, injectieplaatsreacties en erytheem op de injectieplaats. Deze symptomen werden gemeld als niet-ernstig, licht en van voorbijgaande aard.
De hierboven beschreven resultaten werden verkregen met de oorspronkelijke formulering van Omvoh. In een dubbelblinde, 2-armige, gerandomiseerde, enkelvoudige dosis, parallelle studie bij 60 gezonde proefpersonen, waarbij 200 mg mirikizumab (2 injecties van 100 mg in een voorgevulde spuit) van de oorspronkelijke formulering werd vergeleken met de herziene formulering, werden 1 minuut na injectie statistisch significant lagere VAS-pijnscores verkregen met de herziene (12,6) versus de oorspronkelijke formulering (26,1).
Verhoogde alanine-aminotransferase (ALAT) en aspartaataminotransferase (ASAT)
In de eerste 12 weken werd bij 0,6% van de met mirikizumab behandelde patiënten een verhoging van het ALAT-gehalte gemeld. Bij 0,4% van de met mirikizumab behandelde patiënten werd een verhoging van het ASAT-gehalte gemeld. Alle bijwerkingen werden gemeld als licht tot matig van intensiteit en niet ernstig.
In het klinische ontwikkelingsprogramma voor colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn (waaronder de placebogecontroleerde en open-label inductie- en onderhoudsperioden) werden gedurende alle behandelingsperioden met mirikizumab verhogingen waargenomen van het ALAT-gehalte tot ≥ 3 x de bovengrens van normaal (ULN, upper limit of normal) (2,3%), ≥ 5 x ULN (0,7%) en ≥ 10 x ULN (0,2%) en van het ASAT-gehalte tot ≥ 3 x ULN (2,2%), ≥ 5 x ULN (0,8%) en ≥ 10 x ULN (0,1%) bij patiënten die mirikizumab kregen (zie rubriek 4.4). Deze verhogingen zijn waargenomen met en zonder gelijktijdige verhogingen van totaalbilirubine.
Immunogeniciteit
In de onderzoeken naar colitis ulcerosa ontwikkelde tot 23% van de met mirikizumab behandelde patiënten na 12 maanden behandeling antilichamen tegen het geneesmiddel, waarbij de meeste patiënten een lage titer hadden en positief testten op neutraliserende activiteit. Hogere antilichaamtiters bij ongeveer 2% van de proefpersonen die met mirikizumab werden behandeld, werden in verband gebracht met lagere serumconcentraties van mirikizumab en verminderde klinische respons.
In het onderzoek naar de ziekte van Crohn ontwikkelde 12,7% van de met mirikizumab behandelde patiënten na 12 maanden behandeling antilichamen tegen het geneesmiddel, waarbij de meeste patiënten een lage titer hadden en positief testten op neutraliserende activiteit. Er was geen klinisch significant effect van antilichamen tegen het geneesmiddel op de farmacokinetiek of de werkzaamheid van mirikizumab vastgesteld.
Er werd geen verband gevonden tussen antilichamen tegen mirikizumab en overgevoeligheid of injectiegerelateerde voorvallen in de onderzoeken naar colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten, www.fagg.be, Afdeling Vigilantie: Website: www.eenbijwerkingmelden.be, e-mail: adr@fagg-afmps.be.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Eli Lilly Nederland B.V.
Papendorpseweg 83
3528 BJ Utrecht
Nederland.
8. NUMMERS VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit
EU/1/23/1736/002
EU/1/23/1736/003
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen
EU/1/23/1736/004
EU/1/23/1736/005
EU/1/23/1736/006
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit en Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit
EU/1/23/1736/007
EU/1/23/1736/008
Omvoh 100 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen en Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen
EU/1/23/1736/009
EU/1/23/1736/010
Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde spuit
EU/1/23/1736/012
EU/1/23/1736/013
Omvoh 200 mg oplossing voor injectie in voorgevulde pen
EU/1/23/1736/014
EU/1/23/1736/015
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST 22 AUGUSTUS 2025
Gedetailleerde informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau https://www.ema.europa.eu.
AFLEVERINGSWIJZE Geneesmiddel op beperkt medisch voorschrift.
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 4830907 | OMVOH 100MG OPL INJ VOORGEVULDE PEN 6 | € 2849,18 | - | Ja | € 12,8 | € 8,5 |