1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Leqvio 284 mg oplossing voor injectie in een voorgevulde spuit
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Elke voorgevulde spuit bevat inclisiran-natrium overeenkomend met 284 mg inclisiran in een oplossing van 1,5 ml.
Elke ml oplossing bevat inclisiran‑natrium overeenkomend met 189 mg inclisiran.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Oplossing voor injectie (injectievloeistof).
De oplossing is helder, kleurloos tot lichtgeel en geheel vrij van deeltjes.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Leqvio is geïndiceerd bij volwassenen met primaire hypercholesterolemie (heterozygote familiaire en niet-familiaire) of gemengde dyslipidemie als toevoeging aan een dieet:
- in combinatie met een statine of een statine met andere lipidenverlagende behandelingen bij patiënten die hun LDL‑C‑behandeldoel niet bereiken met de maximaal verdraagbare dosis van een statine, of
- alleen of in combinatie met andere lipidenverlagende behandelingen bij patiënten die statines niet verdragen of bij wie een statine is gecontra‑indiceerd.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
De aanbevolen dosis is 284 mg inclisiran, toegediend als één enkele subcutane injectie: een initiële dosis, vervolgens na 3 maanden en daarna elke 6 maanden.
Gemiste doses
Als een geplande dosis wordt gemist met minder dan 3 maanden dient inclisiran te worden toegediend. Daarna dient de toediening vervolgd te worden volgens het oorspronkelijke schema van de patiënt.
Als een geplande dosis wordt gemist met meer dan 3 maanden, dient een nieuw toedieningsschema te worden gestart – na de initiële dosis dient inclisiran na 3 maanden te worden toegediend en vervolgens elke 6 maanden.
Overstappen van een behandeling met een monoklonaal antilichaam proproteïneconvertase-subtilisine/kexine type 9 (PCSK9)-remmer
Inclisiran kan direct na de laatste dosis van een PCSK9‑remmer (een monoklonaal antilichaam) worden toegediend. Om de verlaging van het ‘low-density lipoprotein’-cholesterol (LDL‑C) in stand te houden, wordt aangeraden om inclisiran binnen 2 weken na de laatste dosis PCSK9‑remmer (een monoklonaal antilichaam) toe te dienen.
Speciale patiëntengroepen
Ouderen
Voor ouderen zijn geen dosisaanpassingen nodig (zie rubriek 5.2).
Leverfunctiestoornis
Er zijn geen dosisaanpassingen nodig voor patiënten met een lichte (Child-Pugh-klasse A) of matige (Child-Pugh-klasse B) leverfunctiestoornis. Er zijn geen gegevens beschikbaar over patiënten met een ernstige (Child-Pugh-klasse C) leverfunctiestoornis (zie rubriek 5.2). Inclisiran dient met voorzichtigheid te worden gebruikt bij patiënten met een ernstige leverfunctiestoornis.
Nierfunctiestoornis
Er zijn geen dosisaanpassingen nodig voor patiënten met een lichte, matige of ernstige nierfunctiestoornis of patiënten met terminaal nierfalen (zie rubriek 5.2). Er is beperkte ervaring met inclisiran bij patiënten met een ernstige nierfunctiestoornis. Inclisiran dient bij deze patiënten met voorzichtigheid te worden gebruikt. Zie rubriek 4.4 voor de te nemen voorzorgsmaatregelen in het geval van hemodialyse.
Pediatrische patiënten
De veiligheid en werkzaamheid van inclisiran bij kinderen jonger dan 18 jaar zijn nog niet vastgesteld. Er zijn geen gegevens beschikbaar.
Wijze van toediening
Subcutaan gebruik.
Inclisiran is bedoeld voor subcutane injectie in de buik; alternatieve injectieplaatsen zijn onder meer de bovenarm of de dij. Injecties mogen niet worden gegeven in gebieden met een actieve huidaandoening of letsel zoals zonnebrand, huiduitslag, ontsteking of huidinfecties.
Elke dosis van 284 mg wordt toegediend met één voorgevulde spuit. Elke voorgevulde spuit is uitsluitend bedoeld voor eenmalig gebruik.
Het is de bedoeling dat inclisiran wordt toegediend door een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstof(fen).
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
De enige bijwerkingen die verband hielden met inclisiran, waren bijwerkingen op de injectieplaats (8,2%).
Overzicht van bijwerkingen in tabelvorm
De bijwerkingen zijn gerangschikt volgens systeem/orgaanklasse (tabel 1). Frequentiecategorieën worden gedefinieerd als: zeer vaak (≥1/10), vaak (≥1/100, <1/10), soms (≥1/1.000, <1/100), zelden (≥1/10.000, <1/1.000), zeer zelden (<1/10.000) en niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).
Tabel 1 Bijwerkingen gemeld bij patiënten die behandeld zijn met inclisiran
Systeem/orgaanklasse | Bijwerking | Frequentiecategorie |
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | Bijwerkingen op de injectieplaats1 | Vaak |
1 Zie de rubriek ‘Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen’ | ||
Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen
Bijwerkingen op de injectieplaats
Bijwerkingen op de injectieplaats traden in de hoofdonderzoeken op bij 8,2% en 1,8% van de patiënten die respectievelijk inclisiran en placebo kregen. Het percentage patiënten in elke groep dat stopte met de behandeling vanwege bijwerkingen op de injectieplaats was respectievelijk 0,2% en 0,0%. Al deze bijwerkingen waren licht tot matig ernstig, van voorbijgaande aard en verdwenen zonder gevolgen. De vaakst voorkomende bijwerkingen op de injectieplaats bij patiënten die inclisiran kregen waren injectieplaatsreactie (3,1%), injectieplaatspijn (2,2%), injectieplaatserytheem (1,6%) en injectieplaatsrash (0,7%).
Speciale patiëntengroepen
Ouderen
Van de 1.833 patiënten die in de hoofdonderzoeken werden behandeld met inclisiran waren er 981 (54%) 65 jaar of ouder en 239 (13%) 75 jaar of ouder. Er werden over het algemeen geen verschillen in de veiligheid waargenomen tussen deze patiënten en jongere patiënten.
Immunogeniciteit
In de hoofdstudies werden 1.830 patiënten getest op antistoffen tegen het geneesmiddel. Bevestigde positiviteit werd vastgesteld bij 1,8% (33/1.830) van de patiënten voorafgaand aan toediening en bij 4,9% (90/1.830) van de patiënten tijdens de 18 maanden durende behandeling met inclisiran. Er werden geen klinisch significante verschillen waargenomen in de klinische werkzaamheids‑, veiligheids‑ of farmacodynamische profielen van inclisiran bij patiënten die positief testten op antilichamen tegen inclisiran.
Laboratoriumwaarden
In de klinische fase III-onderzoeken waren er vaker verhoogde serumwaarden van levertransaminasen tussen >1x de bovengrens van de normaalwaarde (ULN: upper limit of normal) en ≤3x ULN bij patiënten die inclisiran gebruikten (ALAT: 19,7% en ASAT: 17,2%) dan bij patiënten met placebo (ALAT: 13,6% en ASAT: 11,1%). Deze verhogingen gingen niet verder dan de klinisch relevante drempel van 3x ULN, waren asymptomatisch en gingen niet gepaard met bijwerkingen of ander bewijs van leverdisfunctie.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via:
België
Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten
www.fagg.be
Afdeling Vigilantie:
Website: www.eenbijwerkingmelden.be
e-mail: adr@fagg-afmps.be
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Novartis Europharm Limited
Vista Building
Elm Park, Merrion Road
Dublin 4
Ierland
8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
EU/1/20/1494/001
EU/1/20/1494/002
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
04.03.2026
Gedetailleerde informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau https://www.ema.europa.eu
PRIX
| Code CNK | Verpakking | Code ATC5 | Prix | Prix ex-usine | Voorschriftplichtig | Ticket modérateur intervention régulière | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 4315313 | LEQVIO 284MG OPL INJ VOORGEVULDE SPUIT 1 | C10AX16 | € 2237,37 | - | Ja | € 12,8 | € 8,5 |

