1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Lorviqua 25 mg filmomhulde tabletten
Lorviqua 100 mg filmomhulde tabletten
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Lorviqua 25 mg filmomhulde tabletten
Elke filmomhulde tablet bevat 25 mg lorlatinib.
Hulpstof met bekend effect
Elke filmomhulde tablet bevat 1,58 mg lactosemonohydraat.
Lorviqua 100 mg filmomhulde tabletten
Elke filmomhulde tablet bevat 100 mg lorlatinib.
Hulpstof met bekend effect
Elke filmomhulde tablet bevat 4,20 mg lactosemonohydraat.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Filmomhulde tablet (tablet).
Lorviqua 25 mg filmomhulde tabletten
Ronde (8 mm), lichtroze, filmomhulde tablet met onmiddellijke afgifte, met aan de ene zijde de inscriptie 'Pfizer' en aan de andere zijde '25' en 'LLN'.
Lorviqua 100 mg filmomhulde tabletten
Ovale (8,5 x 17 mm), donkerroze, filmomhulde tablet met onmiddellijke afgifte, met aan de ene zijde de inscriptie 'Pfizer' en aan de andere zijde 'LLN 100'.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Lorviqua als monotherapie is geïndiceerd voor de behandeling van volwassen patiënten met anaplastisch lymfoomkinase (ALK)‑positief, gevorderd of gemetastaseerd niet‑kleincellig longcarcinoom (NSCLC) die niet eerder zijn behandeld met een ALK-remmer.
Lorviqua als monotherapie is geïndiceerd voor de behandeling van volwassen patiënten met ALK‑positief, gevorderd of gemetastaseerd, NSCLC bij wie ziekteprogressie optrad na:
- alectinib of ceritinib als de eerste behandeling met ALK-tyrosinekinaseremmer (TKI); of
- crizotinib en ten minste één andere ALK-TKI.
4.2 Dosering en wijze van toediening
De behandeling met lorlatinib dient te worden ingezet door en te worden uitgevoerd onder toezicht van een arts met ervaring in het gebruik van antikankergeneesmiddelen.
Detectie van ALK‑positief NSCLC is nodig voor de selectie van patiënten voor behandeling met lorlatinib, omdat dit de enige patiënten zijn bij wie voordeel is aangetoond. Beoordeling voor ALK‑positief NSCLC dient te worden uitgevoerd door laboratoria met aangetoonde vakbekwaamheid in de specifieke technologie die wordt toegepast. Onjuiste uitvoering van assays kan leiden tot onbetrouwbare testresultaten.
Dosering
De aanbevolen dosis is 100 mg lorlatinib eenmaal daags oraal ingenomen.
Behandelduur
De behandeling met lorlatinib dient te worden voortgezet tot ziekteprogressie of onaanvaardbare toxiciteit.
Uitgestelde of gemiste doses
Als een dosis Lorviqua wordt gemist, dient deze zo spoedig mogelijk nadat de patiënt eraan denkt te worden ingenomen, tenzij het minder dan 4 uur is vóór de volgende dosis; in dat geval dient de patiënt de gemiste dosis niet alsnog te nemen. Patiënten dienen geen 2 doses tegelijk te nemen om een gemiste dosis in te halen.
Dosisaanpassingen
Dosisonderbrekingen of dosisverlagingen kunnen nodig zijn op basis van de individuele veiligheid en verdraagbaarheid. Dosisverlagingen voor lorlatinib worden hieronder samengevat:
- Eerste dosisverlaging: 75 mg eenmaal daags oraal ingenomen
- Tweede dosisverlaging: 50 mg eenmaal daags oraal ingenomen
Het gebruik van lorlatinib dient permanent gestaakt te worden als de patiënt de eenmaaldaagse orale dosis van 50 mg niet kan verdragen.
Aanbevelingen voor aanpassing van de dosis vanwege toxiciteiten en voor patiënten die een atrioventriculair (AV) blok krijgen, staan in tabel 1.
Tabel 1. Aanbevolen dosisaanpassingen van lorlatinib wegens bijwerkingen
Bijwerkingena | Lorlatinib-dosering |
Hypercholesterolemie of hypertriglyceridemie | |
Lichte hypercholesterolemie | Introduceer of wijzig een lipidenverlagende behandelingb in overeenstemming met de desbetreffende voorschrijfinformatie; zet het gebruik van lorlatinib voort met dezelfde dosis. |
Ernstige hypercholesterolemie | Introduceer het gebruik van een lipidenverlagende behandelingb; als de patiënt momenteel een lipidenverlagende behandeling krijgt, verhoog de dosis van deze behandelingb in overeenstemming met de desbetreffende voorschrijfinformatie of schakel over op een nieuwe lipidenverlagende behandelingb. Zet het gebruik van lorlatinib zonder onderbreking met dezelfde dosis voort. |
Levensbedreigende hypercholesterolemie | Introduceer het gebruik van een lipidenverlagende behandelingb of verhoog de dosis van deze behandelingb in overeenstemming met de desbetreffende voorschrijfinformatie of schakel over op een nieuwe lipidenverlagende behandelingb. Staak het gebruik van lorlatinib tot herstel van de hypercholesterolemie en/of hypertriglyceridemie tot matige of lichte ernstgraad. |
Effecten op het centrale zenuwstelsel (CZS) (omvat psychotische effecten en veranderingen in cognitie, stemming, psychische gesteldheid of spraak) | |
Graad 2: matig | Staak de dosis tot de toxiciteit graad 1 of minder is. Hervat lorlatinib vervolgens op 1 dosisniveau lager. |
Graad 4: levensbedreigend/urgente interventie geïndiceerd | Staak lorlatinib permanent. |
Verhoogde lipase/amylase | |
Graad 3: ernstig | |
Interstitiële longaandoening (ILD)/pneumonitis | |
Graad 1: licht | Staak lorlatinib tot symptomen tot baseline zijn teruggekeerd en overweeg het inzetten van corticosteroïden. Hervat lorlatinib op 1 dosisniveau lager. |
Graad 3: ernstig | Staak lorlatinib permanent. |
Verlenging PR‑interval/atrioventriculair (AV) blok | |
Eerstegraads AV‑blok: | Zet het gebruik van lorlatinib zonder onderbreking met dezelfde dosis voort. Overweeg de effecten van gelijktijdige geneesmiddelen en evalueer en corrigeer de verstoorde elektrolytenhuishouding die het PR‑interval mogelijk verlengt. Bewaak nauwgezet het ECG/de symptomen die mogelijk gerelateerd zijn aan het AV‑blok. |
Eerstegraads AV‑blok: | Staak het gebruik van lorlatinib. Overweeg de effecten van gelijktijdige geneesmiddelen en evalueer en corrigeer de verstoorde elektrolytenhuishouding die het PR‑interval mogelijk verlengt. Bewaak nauwgezet het ECG/de symptomen die mogelijk gerelateerd zijn aan het AV‑blok. Als de symptomen verdwijnen, dient lorlatinib op 1 dosisniveau lager te worden hervat. |
Tweedegraads AV‑blok | Staak het gebruik van lorlatinib. Overweeg de effecten van gelijktijdige geneesmiddelen en evalueer en corrigeer de verstoorde elektrolytenhuishouding die het PR‑interval mogelijk verlengt. Bewaak nauwgezet het ECG/de symptomen die mogelijk gerelateerd zijn aan het AV‑blok. Als een daaropvolgend ECG geen tweedegraads AV‑blok vertoont, dient lorlatinib op 1 dosisniveau lager te worden hervat. |
Tweedegraads AV‑blok | Staak het gebruik van lorlatinib. Overweeg de effecten van gelijktijdige geneesmiddelen en evalueer en corrigeer de verstoorde elektrolytenhuishouding die het PR‑interval mogelijk verlengt. Verwijs voor hartobservatie en -bewaking. Overweeg plaatsing van een pacemaker als het symptomatische AV‑blok aanhoudt. Als de symptomen en het tweedegraads AV‑blok verdwijnen of als de patiënt terugvalt in een asymptomatisch eerstegraads AV‑blok dient lorlatinib op 1 dosisniveau lager te worden hervat. |
Volledig AV‑blok | Staak het gebruik van lorlatinib. Overweeg de effecten van gelijktijdige geneesmiddelen en evalueer en corrigeer de verstoorde elektrolytenhuishouding die het PR‑interval mogelijk verlengt. Verwijs voor hartobservatie en -bewaking. Plaatsing van een pacemaker kan geïndiceerd zijn voor ernstige symptomen die gepaard gaan met een AV‑blok. Als het AV‑blok niet verdwijnt, kan plaatsing van een permanente pacemaker worden overwogen. |
Hypertensie | |
Graad 3 (SBP groter dan of gelijk aan 160 mmHg of DBP groter dan of gelijk aan 100 mmHg; medische interventie geïndiceerd; meer dan één antihypertensivum, of indicatie voor intensievere behandeling dan eerder gebruikt) | Staak lorlatinib totdat hypertensie is hersteld tot graad 1 of minder (SBP minder dan 140 mmHg en DBP minder dan 90 mmHg), hervat lorlatinib vervolgens met dezelfde dosis. |
Graad 4 (levensbedreigende gevolgen, urgente interventie geïndiceerd) | Staak lorlatinib tot herstel tot graad 1 of minder en hervat het gebruik met een verlaagde dosis of staak lorlatinib permanent. |
Hyperglykemie | |
Graad 3 | Staak lorlatinib totdat hyperglykemie voldoende onder controle is gebracht, hervat lorlatinib vervolgens op 1 dosisniveau lager. |
Andere bijwerkingen | |
Graad 1: licht | Overweeg geen dosisaanpassing of verlaag met 1 dosisniveau, zoals klinisch aangewezen. |
Graad 3 of hoger: ernstig | Staak lorlatinib tot de symptomen verdwijnen tot graad 2 of lager of tot baseline. Hervat lorlatinib vervolgens op 1 dosisniveau lager. |
Afkortingen: CZS=centraal zenuwstelsel; CTCAE=Common Terminology Criteria for Adverse Events; DBP=diastolic blood pressure (diastolische bloeddruk); ECG=elektrocardiogram; HMG CoA=3‑hydroxy‑3‑methylglutaryl co-enzym A; NCI=National Cancer Institute; SBP=systolic blood pressure (systolische bloeddruk); ULN=upper limit of normal (bovengrens van normaal).
a Graderingen zijn gebaseerd op NCI CTCAE-classificaties.
b Lipidenverlagende behandeling kan zijn: HMG CoA-reductaseremmer, nicotinezuur, fibrinezuurderivaten of ethylesters van omega 3‑vetzuren.
Sterke cytochroom-P‑450 (CYP) 3A4/5-remmers
Gelijktijdig gebruik van lorlatinib met geneesmiddelen die sterke CYP3A4/5-remmers zijn en met grapefruitsapproducten kunnen de plasmaconcentraties van lorlatinib verhogen. Een alternatief gelijktijdig geneesmiddel dat CYP3A4/5 in mindere mate kan remmen, dient te worden overwogen (zie rubriek 4.5). Als gelijktijdig een sterke CYP3A4/5-remmer moet worden toegediend, dient de startdosis van eenmaal daags 100 mg lorlatinib te worden verlaagd tot een dosis van eenmaal daags 75 mg (zie rubriek 4.5 en 5.2). Als het gelijktijdige gebruik van de sterke CYP3A4/5-remmer wordt gestaakt, dient lorlatinib te worden hervat met de dosis die werd gebruikt vóór inzetten van de sterke CYP3A4/5-remmer en na een washout-periode van 3 tot 5 halfwaardetijden van de sterke CYP3A4/5-remmer.
Speciale patiëntengroepen
Ouderen (≥ 65 jaar)
Vanwege de beperkte gegevens over deze populatie kan geen dosisaanbeveling worden gegeven voor patiënten van 65 jaar en ouder (zie rubriek 5.2).
Verminderde nierfunctie
Er is geen dosisaanpassing nodig bij patiënten met een normale nierfunctie en een licht of matig verminderde nierfunctie [absolute geschatte glomerulaire filtratiesnelheid (eGFR) ≥ 30 ml/min]. Bij patiënten met een ernstig verminderde nierfunctie (absolute eGFR < 30 ml/min) wordt een lagere dosis lorlatinib aanbevolen, bijv. een eenmaal daagse orale startdosering van 75 mg (zie rubriek 5.2). Er is geen informatie beschikbaar voor nierdialysepatiënten.
Verminderde leverfunctie
Er wordt geen dosisaanpassing aanbevolen bij patiënten met een licht verminderde leverfunctie. Er is geen informatie beschikbaar over het gebruik van lorlatinib bij patiënten met een matig of ernstig verminderde leverfunctie. Daarom wordt lorlatinib niet aanbevolen bij patiënten met een matig tot ernstig verminderde leverfunctie (zie rubriek 5.2).
Pediatrische patiënten
De veiligheid en werkzaamheid van lorlatinib bij kinderen in de leeftijd tot 18 jaar zijn niet vastgesteld. Er zijn geen gegevens beschikbaar.
Wijze van toediening
Lorviqua is voor oraal gebruik.
Patiënten dienen te worden aangespoord om hun dosis lorlatinib elke dag ongeveer op hetzelfde tijdstip met of zonder voedsel in te nemen (zie rubriek 5.2). De tabletten dienen in hun geheel te worden doorgeslikt (tabletten dienen niet gekauwd, verpulverd of verdeeld te worden voordat ze worden doorgeslikt). Een tablet dient niet te worden ingenomen als hij gebroken, gebarsten of anderszins beschadigd is.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
Gelijktijdig gebruik van sterke CYP3A4/5-inductoren (zie rubriek 4.4 en 4.5).
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
De vaakst gemelde bijwerkingen waren hypercholesterolemie (79,0%), hypertriglyceridemie (67,5%), oedeem (55,4%), perifere neuropathie (44,2%), vermoeidheid (30,7%), gewichtstoename (29,8%), artralgie (27,8%), cognitieve effecten (27,4%), diarree (22,7%) en stemmingseffecten (21,4%).
Ernstige bijwerkingen werden gemeld bij 9,1% van de patiënten die werden behandeld met lorlatinib. De vaakst voorkomende ernstige bijwerkingen waren cognitieve effecten en pneumonitis.
Bij 20,1% van de patiënten die lorlatinib kregen, werd de dosis vanwege een bijwerking verlaagd. De vaakst voorkomende bijwerkingen die tot een dosisverlaging leidden waren oedeem, cognitieve effecten en perifere neuropathie. Bij 4,0% van de patiënten die lorlatinib kregen, werd de behandeling vanwege een bijwerking permanent gestopt. De vaakst voorkomende bijwerkingen die tot permanente stopzetting leidden waren cognitieve effecten, perifere neuropathie, pneumonitis en psychotische effecten.
Tabel met bijwerkingen
In tabel 2 staan de bijwerkingen die optraden bij 547 volwassen patiënten die werden behandeld met eenmaal daags 100 mg lorlatinib, met gevorderde NSCLC in onderzoek A (N=327), het CROWN‑onderzoek (N=149) en onderzoek B (N=71).
De bijwerkingen die worden vermeld in tabel 2 worden weergegeven per systeem/orgaanklasse en frequentiecategorie, gedefinieerd aan de hand van de volgende conventie: zeer vaak (≥1/10), vaak (≥1/100 tot <1/10), soms (≥1/1.000 tot <1/100), zelden (≥1/10.000 tot <1/1.000), zeer zelden (<1/10.000). Binnen elke frequentiegroep worden de bijwerkingen weergegeven in volgorde van afnemende medische ernst.
Tabel 2. Bijwerkingen
Systeem/orgaanklasse en bijwerking | Frequentiecategorie | Alle graden | Graad 3‑4 |
Bloed- en lymfestelselaandoeningen | Zeer vaak | 19,6 | 4,4 |
Voedings- en stofwisselingsstoornissen | Zeer vaak Zeer vaakVaak | 79,0 67,59,7 | 19,2 20,33,7 |
Psychische stoornissen | Vaak | 1,1 | 0,9 |
Zenuwstelselaandoeningen | | | |
Oogaandoeningen | | | |
Bloedvataandoeningen | | | |
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen | | | |
Maag-darmstelselaandoeningen | | | |
Huid- en onderhuidaandoeningen | | | |
Nier- en urinewegaandoeningen | | | |
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen | | | |
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | | | |
Onderzoeken | | | |
Bijwerkingen die hetzelfde medische concept of dezelfde aandoening vertegenwoordigen, werden samen gegroepeerd en als één bijwerking in bovenstaande tabel gerapporteerd. Termen die daadwerkelijk in de onderzoeken werden gerapporteerd en bijdragen aan de relevante bijwerking staan tussen haakjes, zoals hieronder aangegeven.
a Hypercholesterolemie (waaronder verhoogde bloedcholesterol, hypercholesterolemie).
b Hypertriglyceridemie (waaronder bloedtriglyceriden verhoogd, hypertriglyceridemie).
c Stemmingseffecten (waaronder affectieve stoornis, affectlabiliteit, agressie, agitatie, woede, angst, bipolaire I stoornis, sombere stemming, depressie, symptoom van depressie, euforische stemming, prikkelbaarheid, manie, veranderde stemming, stemmingswisselingen, paniekaanval, persoonlijkheidsverandering, stress).
d Psychotische effecten (waaronder auditieve hallucinaties, hallucinaties, visuele hallucinaties).
e Cognitieve effecten (waaronder voorvallen van de systeem/orgaanklasse Zenuwstelselaandoeningen: amnesie, cognitieve stoornis, dementie, aandachtsstoornis, geheugenstoornis, verstandelijke beperking; en waaronder ook voorvallen van de systeem/orgaanklasse Psychische stoornissen: aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit, toestand van verwardheid, delirium, desoriëntatie, leesstoornis). Binnen deze effecten werden termen van de systeem/orgaanklasse Zenuwstelselaandoeningen vaker gemeld dan termen van de systeem/orgaanklasse Psychische stoornissen.
f Perifere neuropathie (waaronder een brandend gevoel, dysesthesie, formicatie, loopstoornis, hypesthesie, motore disfunctie, spierzwakte, neuralgie, perifere neuropathie, neurotoxiciteit, paresthesie, perifere motorische neuropathie, perifere sensorische neuropathie, verlamming van de peroneale zenuw, sensorische stoornis).
g Spraakeffecten (dysartrie, langzame spraak, spraakstoornis).
h Visusstoornis (waaronder diplopie, fotofobie, fotopsie, wazig zien, verminderde gezichtsscherpte, afgenomen gezichtsvermogen, myodesopsie).
i Pneumonitis (waaronder interstitiële longaandoening, longopaciteit, pneumonitis).
j Huiduitslag (waaronder acneïforme dermatitis, maculopapuleuze huiduitslag, pruritische huiduitslag, huiduitslag).
k Myalgie (waaronder pijn in het skeletspierstelsel, myalgie).
l Oedeem (waaronder gegeneraliseerd oedeem, oedeem, perifeer oedeem, perifere zwelling, zwelling).
m Vermoeidheid (waaronder asthenie, vermoeidheid).
Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen
Hypercholesterolemie/hypertriglyceridemie
Een toename in serumcholesterol of -triglyceriden werd als bijwerking gemeld bij respectievelijk 79,0% en 67,5% van de patiënten. Van deze bijwerkingen traden de lichte of matige bijwerkingen hypercholesterolemie of hypertriglyceridemie op bij respectievelijk 59,8% en 47,2% van de patiënten (zie rubriek 4.4). De mediane tijd tot optreden van hypercholesterolemie en hypertriglyceridemie was respectievelijk 15 dagen (spreiding: 1 tot 1.921 dagen) en 16 dagen (spreiding: 1 tot 1.921 dagen). De mediane duur van hypercholesterolemie en hypertriglyceridemie was respectievelijk 526 en 519 dagen.
Effecten op het centrale zenuwstelsel
CZS-bijwerkingen waren voornamelijk cognitieve effecten (27,4%), stemmingseffecten (21,4%), spraakeffecten (8,2%) en psychotische effecten (6,9%) en waren over het geheel genomen licht en van voorbijgaande aard en spontaan omkeerbaar na uitstel van de dosis en/of een dosisverlaging (zie rubriek 4.2 en 4.4). Het vaakst voorkomende cognitieve effect van elke graad was een geheugenstoornis (10,8%) en de vaakst voorkomende bijwerkingen van graad 3 of 4 waren toestand van verwardheid en cognitieve aandoening (respectievelijk 1,6% en 0,7%). Het vaakst voorkomende stemmingseffect van elke graad was angst (7,3%) en de vaakst voorkomende bijwerkingen van graad 3 en 4 waren prikkelbaarheid (0,7%), depressie (0,4%), angst, agitatie en bipolaire I stoornis (elk 0,2%). Het vaakst voorkomende spraakeffect van elke graad was dysartrie (3,8%) en de bijwerkingen van graad 3 of 4 waren dysartrie (0,4%), langzame spraak en spraakstoornis (elk 0,2%). Het vaakst voorkomende psychotische effect van elke graad was hallucinaties (2,7%) en de vaakst voorkomende bijwerkingen van graad 3 of 4 waren auditieve hallucinaties, visuele hallucinaties, waan, acute psychose en schizofrene stoornis (elk 0,2%). De mediane tijd tot aanvang van de cognitieve, stemmings-, spraak- en psychotische effecten was respectievelijk 129, 57, 58 en 27 dagen. De mediane duur van de cognitieve, stemmings-, spraak- en psychotische effecten was respectievelijk 270, 145, 147 en 84 dagen.
Hypertensie
Hypertensie werd als bijwerking gemeld bij 14,8% van de patiënten van onderzoek A, CROWN (B7461006) en onderzoek B (B7461027). Van deze bijwerkingen trad lichte of matige hypertensie op bij 8,8% van de patiënten (zie rubriek 4.4). De mediane tijd tot optreden van hypertensie was 295 dagen (spreiding: 1 tot 1.990 dagen). De mediane duur van hypertensie was 505 dagen.
Hyperglykemie
Hyperglykemie werd als bijwerking gemeld bij 9,7% van de patiënten van onderzoek A, CROWN (B7461006) en onderzoek B (B7461027). Van deze bijwerkingen trad lichte of matige hyperglykemie op bij 6,0% van de patiënten (zie rubriek 4.4). De mediane tijd tot optreden van hyperglykemie was 148 dagen (spreiding: 1 tot 1.637 dagen). De mediane duur van hyperglykemie was 118 dagen.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg worden verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten
www.fagg.be - Afdeling Vigilantie:
Website: www.eenbijwerkingmelden.be
e-mail: adr@fagg-afmps.be
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Pfizer Europe MA EEIG
Boulevard de la Plaine 17
1050 Brussel
België
8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
EU/1/19/1355/002
EU/1/19/1355/003
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
05/2025
Gedetailleerde informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau https://www.ema.europa.eu.
25E08
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 4105136 | LORVIQUA 25MG FILMOMH TABL 90 X 25MG | L01ED05 | - | € 4669,69 | Ja | - | - |
| 3958006 | LORVIQUA 100MG FILMOMH TABL 30 X 100MG | L01ED05 | - | € 4669,69 | Ja | - | - |
