SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
COLISTINEB 1 miljoen of 2 miljoen Internationale Eenheden (IE), poeder voor oplossing voor injectie, infusie of inhalatie
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Elke injectieflacon bevat 1 miljoen of 2 miljoen IE natriumcolistimethaat.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Poeder voor oplossing voor injectie, infusie of inhalatie.
Injectieflacon van 1 miljoen: Steriel wit poeder in een kleurloos glazen injectieflacon van 10 ml met een rood “flip-off” afsluitkapje.
Injectieflacon van 2 miljoen: Steriel wit poeder in een kleurloos glazen injectieflacon van 10 ml met een lila “flip-off” afsluitkapje.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Colistineb toegediend per injectie of infusie is geïndiceerd voor gebruik bij volwassenen en kinderen, inclusief pasgeborenen, voor de behandeling van ernstige infecties veroorzaakt door bepaalde aerobe, gramnegatieve pathogenen bij patiënten met beperkte behandelingsopties (zie rubriek 4.2, 4.4, 4.8 en 5.1).
Colistineb toegediend per inhalatie is geïndiceerd voor de behandeling van chronische longinfectie veroorzaakt door Pseudomonas aeruginosa bij volwassenen en kinderen met mucoviscidose (cystische fibrose – CF) (zie rubriek 5.1).
Men dient rekening te houden met de officiële richtlijnen betreffende het juiste gebruik van antibacteriële middelen.
4.2 Dosering en wijze van toediening
- TOEDIENING PER INJECTIE OF INFUSIE
Bij het bepalen van de toe te dienen dosis en de behandelingsduur moet rekening worden gehouden met de ernst van de infectie en de klinische respons. De therapeutische richtlijnen moeten worden gevolgd.
De dosis wordt uitgedrukt in IE natriumcolistimethaat (CMS). Aan het einde van deze rubriek is een omzettingstabel ingevoegd voor omzetting van ‘CMS in IE’ naar ‘mg CMS’ en naar ‘mg colistine base activity (CBA)’.
Dosering bij injectie of infusie
Het volgende doseringsadvies wordt gegeven op basis van beperkte gegevens betreffende de populatiefarmacokinetiek bij ernstig zieke patiënten (zie rubriek 4.4):
- Intraveneuze toediening
- Volwassenen en adolescenten
Onderhoudsdosis 9 MIE/dag in 2-3 verdeelde doses.
Bij ernstig zieke patiënten dient een oplaaddosis van 9 MIE te worden toegediend.
Het meest geschikte tijdsinterval tot de eerste onderhoudsdosis is niet vastgesteld.
Modellen geven aan dat in sommige gevallen oplaad- en onderhoudsdoses tot 12 MIE noodzakelijk kunnen zijn bij patiënten met een goede nierfunctie. De klinische ervaring met zulke doseringen is echter uiterst beperkt en de veiligheid ervan is niet vastgesteld.
De oplaaddosis geldt voor patiënten met een normale en een verminderde nierfunctie, waaronder patiënten die nierfunctievervangende therapie krijgen.
- Verminderde nierfunctie
Bij een verminderde nierfunctie zijn dosisaanpassingen vereist, maar er zijn slechts zeer beperkte gegevens beschikbaar betreffende de farmacokinetiek voor patiënten met een verminderde nierfunctie.
De volgende dosisaanpassingen worden als richtlijn voorgesteld.
- Voor patiënten met een creatinineklaring <50 ml/min is een verlaging van de dosis aanbevolen:
Tweemaaldaagse dosering is aanbevolen.
Creatinineklaring (ml/min) | Dagdosis |
<50-30 | 5,5-7,5 MIE |
<30-10 | 4,5-5,5 MIE |
<10 | 3,5 MIE |
MIE = miljoen IE
- Hemodialyse en continue hemo(dia)filtratie
Colistine blijkt dialyseerbaar te zijn door middel van conventionele hemodialyse en continue venoveneuze hemo(dia)filtratie (CVVHF, CVVHDF). Er zijn uiterst beperkte gegevens afkomstig van onderzoek naar de populatiefarmacokinetiek bij zeer kleine aantallen patiënten die nierfunctievervangende therapie kregen. Er kan geen duidelijk doseringsadvies worden gegeven. De volgende behandelingsschema’s kunnen overwogen worden.
- Hemodialyse
Dagen zonder hemodialyse: 2,25 MIE/dag (2,2-2,3 MIE/dag).
Dagen met hemodialyse: 3 MIE/dag op dagen met hemodialyse, toe te dienen na de hemodialysesessie.
Tweemaaldaagse dosering is aanbevolen.
- CVVHF/CVVHDF
Zoals voor patiënten met een normale nierfunctie. Driemaaldaagse dosering is aanbevolen.
- Verminderde leverfunctie
Er zijn geen gegevens over patiënten met een verminderde leverfunctie. Voorzichtigheid is geboden wanneer natriumcolistimethaat bij deze patiënten wordt toegediend.
- Ouderen
Bij oudere patiënten met een normale nierfunctie wordt het niet nodig geacht de dosis aan te passen.
- Pediatrische patiënten
De gegevens die het doseringsschema bij pediatrische patiënten ondersteunen, zijn zeer beperkt. Bij het bepalen van de dosis moet rekening worden gehouden met de mate waarin de nieren ontwikkeld zijn. De dosis moet bepaald worden op basis van het vetvrije lichaamsgewicht.
- Kinderen ≤ 40 kg: 75.000-150.000 IE/kg/dag verdeeld over 3 doses.
- Kinderen > 40 kg: overwegen om het doseringsadvies voor volwassenen te volgen.
Er zijn meldingen van het gebruik van doses >150.000 IE/kg/dag bij kinderen met mucoviscidose.
Er zijn geen gegevens betreffende het gebruik of de omvang van een oplaaddosis bij ernstig zieke kinderen.
Er is geen doseringsadvies vastgesteld voor kinderen met een verminderde nierfunctie.
- Intraventriculaire toediening
Op basis van beperkte gegevens wordt de volgende dosis aanbevolen bij volwassenen:
Intraventriculaire weg: 125.000 IE/dag
Er kan geen specifiek doseringsadvies worden gegeven voor de intraventriculaire toedieningsweg bij kinderen.
- Intrathecale toediening
Intrathecaal toegediende doses mogen de doses die worden aanbevolen voor intraventriculair gebruik niet overschrijden (niet hoger dan 125.000 IE/dag).
Er kan geen specifiek doseringsadvies worden gegeven voor de intrathecale toedieningsweg bij kinderen.
Wijze van toediening
Colistineb wordt intraveneus toegediend als een langzame infusie gedurende 30 - 60 minuten.
Patiënten die een totale implanteerbare veneuze toegangspoort (TIVAD) ingeplant kregen, kunnen een bolusinjectie tot 2 miljoen IE in 10ml verdragen, gegeven over een periode van minimaal 5 minuten (zie rubriek 6.6.).
Natriumcolistimethaat ondergaat hydrolyse tot de werkzame stof colistine in een waterige oplossing. Voor bereiding van de dosis, vooral wanneer een combinatie van meerdere injectieflacons noodzakelijk is, moet de reconstitutie van de vereiste dosis plaatsvinden met behulp van strikt aseptische technieken (zie rubriek 6.6).
Tabel voor omzetting van de dosis:
In de EU mag de dosis natriumcolistimethaat (CMS) uitsluitend voorgeschreven en toegediend worden in IE. Op het etiket van het product staat het aantal IE per injectieflacon vermeld.
Door de verschillende wijzen waarop de dosissterkte werd uitgedrukt, is er in het verleden verwarring ontstaan en zijn er medicatiefouten gemaakt. In de Verenigde Staten en in andere delen van de wereld wordt de dosis uitgedrukt in ‘milligram colistine base activity’ (mg CBA).
De volgende omzettingstabel is ter informatie ontwikkeld en de waarden mogen uitsluitend als nominaal en bij benadering worden beschouwd.
Omzettingstabel voor natriumcolistimethaat (CMS)
Sterkte | ||
IE | ≈ mg CBA | ≈ massa CMS (mg)* |
12.500 | 0,4 | 1 |
150.000 | 5 | 12 |
1.000.000 | 34 | 80 |
4.500.000 | 150 | 360 |
9.000.000 | 300 | 720 |
*De nominale sterkte van het actief bestanddeel = 12.500 IE/mg
- AEROSOLINHALATIE
Het is aanbevolen om natriumcolistimethaat (CMS) toe te dienen onder toezicht van een arts die voldoende ervaren is in het gebruik ervan.
Dosering bij inhalatie
Afhankelijk van de ernst van de aandoening en de klinische respons kan de dosering worden aangepast.
Aanbevolen dosisbereik:
- Volwassenen, adolescenten en kinderen ≥ 2 jaar
1-2 MIE, twee tot drie keer per dag (max. 6 MIE/dag)
Kinderen < 2 jaar
0,5-1 MIE, twee keer per dag (max. 2 MIE/dag)
De relevante klinische richtlijnen met betrekking tot behandelingsschema, waaronder behandelingsduur, periodiciteit en gelijktijdige toediening van andere antibacteriële middelen, dienen nageleefd te worden.
- Ouderen
Aanpassing van de dosis wordt niet nodig geacht.
- Verminderde nierfunctie
Aanpassing van de dosis wordt niet nodig geacht, hoewel voorzichtigheid wordt geadviseerd bij patiënten met een verminderde nierfunctie (zie rubriek 4.4 en 5.2).
- Verminderde leverfunctie
Aanpassing van de dosis wordt niet nodig geacht.
Wijze van toediening
Voor inhalatie.
Geschikte vernevelaars zijn de herbruikbare jetvernevelaars PARI LC PLUS of PARI LC SPRINT, die worden gebruikt met een geschikte compressor, of de membraanvernevelaar eFlow rapid.
Colistineb 1 miljoen IE is bedoeld voor toediening met verneveling met gebruikmaking van een geschikte vernevelaar (zoals hierboven vermeld).
De kenmerken van afgifte van het geneesmiddel op basis van in vitro onderzoeken met verschillende vernevelsystemen worden hieronder gegeven:
| Vernevelsysteem | ||
Parameter | PARI LC Plus | PARI LC Sprint | eFlow rapid |
Totaal afgegeven geneesmiddel met het mondstuk van de vernevelaar [miljoen IE] | 0,611 | 0,682 | 0,544 |
Afgiftesnelheid van het geneesmiddel | 0,078 | 0,092 | 0,159 |
Fractie fijne deeltjes [% < 5 µm] | 51,8 | 57,9 | 48,2 |
Distributie van de druppelgrootte/Mediane Aerodynamische Diameter van de Massa (MADM) [µm] | 4,7 | 4,0 | 5,1 |
Geometrische standaarddeviatie (GSD) | 2,2 | 2,3 | 2,0 |
Gemeten met Colistineb 1 miljoen IE gereconstitueerd met 3 ml 0,9% natriumchlorideoplossing | |||
Natriumcolistimethaat is zeer goed oplosbaar in het reconstitutiemedium. De aanbevolen techniek voor het oplossen van het geneesmiddel is het toevoegen van 3 ml isotone natriumchlorideoplossing (0,9% g/g) aan de injectieflacon die Colistineb 1 miljoen IE. bevat en daarna voorzichtig schudden.
Colistineb 2 miljoen IE is bedoeld voor toediening met verneveling met gebruikmaking van een geschikte vernevelaar (zoals hierboven vermeld).
De kenmerken van afgifte van het geneesmiddel op basis van in vitro onderzoeken met verschillende vernevelsystemen worden hieronder gegeven:
| Vernevelsysteem | ||
Parameter | PARI LC Plus | PARI LC Sprint | eFlow rapid |
Totaal afgegeven geneesmiddel met het mondstuk van de vernevelaar [miljoen IE] | 1,325 | 1,389 | 1,106 |
Afgiftesnelheid van het geneesmiddel | 0,120 | 0,136 | 0,217 |
Fractie fijne deeltjes [% < 5 µm] | 51,3 | 60,1 | 48,1 |
Distributie van de druppelgrootte/Mediane Aerodynamische Diameter van de Massa (MADM) [µm] | 4,7 | 3,9 | 5,1 |
Geometrische standaarddeviatie (GSD) | 2,2 | 2,2 | 2,1 |
Gemeten met Colistineb 2 miljoen IE gereconstitueerd met 4 ml 0,9% natriumchlorideoplossing. | |||
Natriumcolistimethaat is zeer goed oplosbaar in het reconstitutiemedium. De aanbevolen techniek voor het oplossen van het geneesmiddel is het toevoegen van 4 ml isotone natriumchlorideoplossing (0,9% g/g) aan de injectieflacon die Colistineb 2 miljoen IE bevat en daarna voorzichtig schudden.
Omdat het mogelijk is dat schuimvorming ontstaat, moet krachtig schudden worden vermeden. De resulterende oplossing voor verneveling moet helder zijn en moet voorzichtig worden overgeheveld in het medicatiereservoir van de vernevelaar.
De oplossing is uitsluitend voor eenmalig gebruik en resterende oplossing moet worden weggegooid.
De vernevelaar moet tijdens de werking volgens de gebruiksinstructies van de betreffende vernevelaar worden gehanteerd.
De patiënt moet tijdens de inhalatie rechtop zitten en normaal ademen. Inhalatie moet plaatsvinden door toepassing van een normaal ademhalingspatroon zonder onderbreking.
De vernevelaar moet na gebruik worden gereinigd en gedesinfecteerd, zoals beschreven in de gebruiksinstructies van de betreffende vernevelaar.
Natriumcolistimethaat ondergaat hydrolyse tot de werkzame stof colistine in een waterige oplossing.
Voor speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en verwerken van gereconstitueerde oplossingen, zie rubriek 6.6.
Indien ook andere behandelingen worden toegepast, dient dit te gebeuren in de volgorde die door de arts wordt aanbevolen.
Geneesmiddelconversie
Zie ook hierboven voor de omzettingstabel.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof, colistin of voor polymyxine B.
4.8 Bijwerkingen
Systemische behandeling
De waarschijnlijkheid van bijwerkingen kan gerelateerd zijn aan leeftijd, nierfunctie en de toestand van de patiënt.
Bij mucoviscidosepatiënten werden neurologische verschijnselen gerapporteerd bij 27% van de patiënten. Deze zijn meestal van een milde aard en verdwijnen gedurende of kort na de behandeling.
Neurotoxiciteit kan verband houden met overdosis, geen dosisvermindering bij patiënten met nierinsufficiëntie en gelijktijdig gebruik van ofwel neuromusculair blokkerende geneesmiddelen ofwel andere geneesmiddelen met gelijkaardige neurologische effecten. Vermindering van de dosis kan de symptomen verminderen. Deze effecten kunnen zijn: apnoe, voorbijgaande gevoelsstoornissen (zoals faciale paresthesie en vertigo) en, in zeldzame gevallen, vasomotorische instabiliteit, onduidelijke spraak, visuele stoornissen, verwardheid of psychosen.
Bijwerkingen op de nierfunctie werden gerapporteerd, gewoonlijk als gevolg van het toedienen van een hogere dan de aanbevolen dosis bij patiënten met een normale nierfunctie, of het uitblijven van een dosisvermindering bij patiënten met een nierfunctiestoornis, of gedurende het gelijktijdig gebruik van andere nefrotoxische geneesmiddelen. De effecten zijn gewoonlijk omkeerbaar bij het stopzetten van de therapie.
Er zijn gevallen van het pseudo-Barttersyndroom gemeld na intraveneuze toediening van natriumcolistimethaat. De frequentie hiervan is niet bekend (zie rubriek 4.4).
Bij mucoviscidosepatiënten behandeld binnen de aanbevolen doseringslimieten, blijkt nefrotoxiciteit zelden voor te komen (minder dan 1%). Bij ernstig zieke gehospitaliseerde niet-mucoviscidose-patiënten werden tekenen van nefrotoxiciteit gemeld bij ongeveer 20% van de patiënten.
Overgevoeligheidsreacties inclusief exantheem en geneesmiddelenkoorts werden gerapporteerd. Wanneer deze reacties voorkomen moet de behandeling gestopt worden.
Lokale irritatie op de plaats van injectie kan voorkomen.
Behandeling via inhalatie
Inhalatie kan hoesten of bronchospasme uitlokken.
Keel- en mondpijn werden gemeld en kunnen te wijten zijn aan een infectie met Candida albicans of aan overgevoeligheid. Exantheem kan ook een teken zijn van overgevoeligheid. Wanneer zich dit voordoet, moet de behandeling gestopt worden.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten, www.fagg.be , Afdeling Vigilantie, Website: www.eenbijwerkingmelden.be, e-mail: adr@fagg-afmps.be.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Teva Pharma Belgium N.V.,
Laarstraat 16,
B-2610 Wilrijk
8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Injectieflacon van 1 miljoen IE: BE272264
Injectieflacon van 2 miljoen IE: BE272273
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Datum van herziening van de tekst: 02/2024.
Datum van goedkeuring van de tekst: 05/2024.
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2316438 | COLISTINEB 2.000.000 I.U. FL PULV PR INHAL 10 | J01XB01 | € 99,95 | - | Ja | € 12,8 | € 8,5 |