1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Drosana 20 0,02 mg/3 mg filmomhulde tabletten
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Elke filmomhulde tablet bevat 0,02 mg ethinylestradiol en 3 mg drospirenon.
Hulpstoffen met bekend effect:
Elke filmomhulde tablet bevat 48,53 mg lactosemonohydraat en 0,070 mg sojalecithine.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Filmomhulde tablet.
Witte of bijna witte, ronde, biconvexe filmomhulde tablet, diameter ongeveer 6 mm. Aan één kant met gravering: “G73”, de andere kant heeft geen gravering.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Orale anticonceptie.
Bij de beslissing om Drosana 20 voor te schrijven moet rekening worden gehouden met de huidige risicofactoren van de individuele vrouw, in het bijzonder met de factoren voor veneuze trombo-embolie (VTE) en hoe het risico op VTE met Drosana 20 zich verhoudt tot het risico met andere gecombineerde hormonale anticonceptiva (zie rubrieken 4.3 en 4.4).
4.2 Dosering en wijze van toediening
Wijze van toediening: oraal gebruik.
Dosering
Hoe wordt Drosana 20 ingenomen
De tabletten moeten dagelijks op ongeveer hetzelfde tijdstip worden ingenomen, indien nodig met wat vloeistof, in de op de blisterverpakking aangegeven volgorde. Gedurende 21 opeenvolgende dagen moet één tablet per dag worden ingenomen. Elke volgende verpakking wordt begonnen na een tabletvrije tussenpoos van 7 dagen, gedurende welke tijd gewoonlijk een onttrekkingsbloeding optreedt. Deze begint gewoonlijk 2-3 dagen na de laatste tablet en is mogelijk nog niet voorbij voordat wordt gestart met de volgende verpakking.
Hoe wordt begonnen met het innemen van Drosana 20
- Geen eerder gebruik van een hormonaal anticonceptivum (gedurende de afgelopen maand)
Het innemen van de tabletten dient te worden gestart op dag 1 van de natuurlijke cyclus van de vrouw (d.w.z. de eerste dag van haar menstruele bloeding).
- Overschakeling van een hormonaal combinatie-anticonceptivum (oraal combinatie-anticonceptivum/COC), vaginale ring of transdermale pleister):
De vrouw dient Drosana 20bij voorkeur op de dag na de laatste werkzame tablet (de laatste tablet die de werkzame stoffen bevat) van haar vorige COC te beginnen met Drosana 20, maar uiterlijk op de dag na de gebruikelijke tabletvrije tussenpoos of de tussenpoos met placebotabletten van haar voorgaande COC. In het geval dat een vaginale ring of een transdermale pleister is gebruikt, dient de vrouw bij voorkeur te starten met Drosana 20 op de dag van verwijderingDrosana 20, maar niet later dan de dag waarop de volgende ring of pleister zou moeten worden geplaatst.
- Bij overschakelen van een methode met alleen progestageen (pil, injectie, implantaat met alleen progestageen) of een progestageen-afgevend intra-uterien systeem (IUS)
De vrouw kan elke dag overstappen van de pil met alleen progestageen (van een implantaat of het IUS op de dag van de verwijdering ervan, van een injecteerbaar middel wanneer de volgende injectie zou moeten worden toegediend) maar dient in al deze gevallen te worden geadviseerd om gedurende de eerste 7 dagen waarop een tablet wordt ingenomen bovendien een barrièremethode te gebruiken.
- Na een eerste-trimester abortus
De vrouw kan onmiddellijk starten. Wanneer zij dat doet, hoeft ze geen aanvullende anticonceptiemaatregelen te nemen.
- Na bevalling of abortus in het tweede trimester
Men dient vrouwen te adviseren met Drosana 20 te beginnen op dag 21 tot 28 na de bevalling of tweede-trimester abortus. Wanneer ze later start dient men de vrouw te adviseren gedurende de eerste 7 dagen bovendien een barrièremethode te gebruiken. Wanneer echter reeds gemeenschap heeft plaatsgevonden, dient zwangerschap te worden uitgesloten voordat daadwerkelijk wordt gestart met het gebruik van COC of moet de vrouw wachten tot haar eerste menstruele periode.
Voor vrouwen die borstvoeding geven - zie rubriek 4.6.
Omgaan met gemiste tabletten
Wanneer de vrouw minder dan 12 uur te laat is met het innemen van een tablet, is de anticonceptieve bescherming niet verminderd. De vrouw dient de tablet in te nemen zodra zij eraan denkt en de resterende tabletten dienen op de normale tijd te worden ingenomen.
Wanneer zij meer dan 12 uur te laat is met het innemen van een tablet, kan de anticonceptieve bescherming verminderd zijn. Het omgaan met gemiste tabletten kan worden begeleid door middel van de volgende twee basisregels:
- men mag nooit langer dan 7 dagen stoppen met de tabletten
- om voldoende onderdrukking van de hypothalamus-hypofyse-ovarium-as te krijgen dienen de tabletten gedurende 7 dagen achter elkaar ingenomen te worden.
Dienovereenkomstig kan het volgende advies in de dagelijkse praktijk worden gegeven:
- Week 1
De vrouw dient de laatste gemiste tablet in te nemen zodra ze eraan denkt, ook als dit betekent dat zij 2 tabletten tegelijk moet innemen. Ze gaat dan verder met het innemen van de tabletten op haar gebruikelijke tijd. Daarnaast dient gedurende de volgende 7 dagen een aanvullende barrièremethode zoals een condoom te worden toegepast. Wanneer gedurende de voorgaande 7 dagen gemeenschap heeft plaatsgevonden dient men rekening te houden met een mogelijke zwangerschap. Hoe meer tabletten er zijn gemist en hoe dichter zij bij de gebruikelijke tabletvrije tussenpoos zitten, hoe hoger het risico op een zwangerschap is.
- Week 2
De woman dient de laatste gemiste tablet in te nemen zodra ze eraan denkt, ook als dit betekent dat zij 2 tabletten tegelijk moet innemen. Ze gaat dan verder met het innemen van de tabletten op haar gebruikelijke tijd. Op voorwaarde dat de vrouw haar tabletten gedurende de 7 dagen vóór de eerste gemiste tablet correct heeft ingenomen, hoeven er geen extra anticonceptievoorzorgen te worden genomen. Wanneer zij echter meer dan 1 tablet heeft gemist, dient men de vrouw te adviseren gedurende 7 dagen extra voorzorgen te nemen.
- Week 3
Het risico van verminderde betrouwbaarheid dreigt door de naderende tabletvrije tussenpoos van 7 dagen. Door het schema voor het innemen van de tabletten aan te passen, kan verminderde anticonceptiebescherming echter nog steeds worden voorkomen. Door zich te houden aan een van de volgende twee opties, is het daarom niet nodig extra anticonceptievoorzorgen te nemen, op voorwaarde dat de vrouw haar tabletten gedurende de 7 dagen vóór de gemiste tablet correct heeft ingenomen. Wanneer dit niet het geval is, dient zij de eerste van de twee opties te volgen en gedurende de volgende 7 dagen bovendien extra voorzorgen te gebruiken.
- De vrouw dient de laatste gemiste tablet in te nemen zodra ze eraan denkt, ook als dit betekent dat zij 2 tabletten tegelijk moet innemen. Ze gaat dan verder met het innemen van de tabletten op haar gebruikelijke tijd. De volgende blisterverpakking moet worden gestart zodra de huidige blisterverpakking is gebruikt, d.w.z. er dient geen ruimte te zitten tussen de verpakkingen. Het is niet waarschijnlijk dat de vrouw vóór het einde van de tweede verpakking een onttrekkingsbloeding krijgt, maar zij kan wat spotting of doorbraakbloeding ondervinden op de dagen waarop zij tabletten inneemt.
- Men kan de vrouw ook adviseren te stoppen met het innemen van tabletten uit de huidige blisterverpakking. Dan moet ze een tabletvrije tussenpoos van maximaal 7 dagen hebben, inclusief de dagen waarop ze de tablet(ten) heeft gemist en vervolgens doorgaan met de volgende blisterverpakking.
Wanneer een vrouw tabletten heeft gemist en vervolgens geen onttrekkingsbloeding krijgt in de eerste normale tabletvrije tussenpoos, dient men te denken aan de mogelijkheid van zwangerschap.
Advies in geval van maagdarmstoornissen
In geval van ernstige maagdarmstoornissen (bijv. braken of diarree), is absorptie mogelijk niet volledig en dienen aanvullende anticonceptiemaatregelen te worden genomen.
Wanneer binnen 3-4 uur na het innemen van de tablet wordt gebraakt, dient zo snel mogelijk een nieuwe (vervangende) tablet te worden ingenomen. De nieuwe tablet dient indien mogelijk binnen 12 uur na de gebruikelijke tijd van innemen van de tablet te worden ingenomen. Wanneer er meer dan 12 uur verstreken is, is het advies met betrekking tot gemiste tabletten, als gegeven in rubriek 4.2 “Omgaan met gemiste tabletten” van toepassing. Wanneer de vrouw haar gebruikelijke schema van innemen niet wil veranderen, moet ze de extra tablet(ten) uit een andere blisterverpakking nemen.
Hoe wordt een onttrekkingsbloeding uitgesteld
Voor het uitstellen van een menstruatie dient de vrouw door te gaan met een volgende blisterverpakking Drosana 20 zonder een tabletvrije tussenpoos. De verlenging kan zo lang worden voortgezet als men wil tot het einde van de tweede verpakking. Gedurende de verlenging kan de vrouw doorbraakbloeding of spotting ondervinden. Vervolgens wordt regelmatig innemen van Drosana 20 na de gebruikelijke tussenpoos van 7 tabletvrije dagen Drosana 20 hervat.
Om haar menstruaties te verschuiven naar een andere dag van de week dan waaraan de vrouw gewend is met het huidige schema, kan men haar adviseren de komende tabletvrije tussenpoos met zoveel dagen te verkorten als ze wil. Hoe korter de tussenpoos, hoe hoger het risico dat zij geen onttrekkingsbloeding heeft en doorbraakbloeding en spotting zal ondervinden tijdens de volgende verpakking (net als wanneer een menstruatie wordt uitgesteld).
4.3 Contra-indicaties
Gecombineerde hormonale anticonceptiva (CHC’s) mogen in de volgende situaties niet worden gebruikt. Wanneer een van de condities zich voor het eerst voordoet tijdens het gebruik van CHC’s, dient onmiddellijk te worden gestopt met het product.
- Aanwezigheid van of risico op veneuze trombo-embolie (VTE)
- Veneuze trombo-embolie – bestaande VTE (bij antistollingsmiddelen) of eerder doorgemaakte VTE (bijv. diepe veneuze trombose [DVT] of longembolie [PE])
- Bekende erfelijke of verworven predispositie voor veneuze trombo-embolie, bijvoorbeeld APC-resistentie, (waaronder factor V-Leiden), antitrombine‑III-deficiëntie, proteïne C-deficiëntie, proteïne S-deficiëntie
- Zware operatie met langdurige immobilisatie (zie rubriek 4.4)
- Een hoog risico van veneuze trombo-embolie door de aanwezigheid van meerdere risicofactoren (zie rubriek 4.4)
- Aanwezigheid van of risico op arteriële trombo-embolie (ATE)
- Arteriële trombo-embolie – bestaande arteriële trombo-embolie, eerder doorgemaakte arteriële trombo-embolie (bijv. myocardinfarct) of prodromale aandoening (bijv. angina pectoris)
- Cerebrovasculaire ziekte – bestaande beroerte, eerder doorgemaakte beroerte of prodromale aandoening (bijv. transient ischaemic attack (TIA))
- Bekende erfelijke of verworven predispositie voor arteriële trombo-embolie, bijvoorbeeld hyperhomocysteïnemie en antifosfolipiden-antistoffen (anticardiolipine-antistoffen, lupusanticoagulans)
- Voorgeschiedenis van migraine met focale neurologische symptomen
- Een hoog risico op arteriële trombo-embolie als gevolg van meerdere risicofactoren (zie rubriek 4.4) of door de aanwezigheid van een ernstige risicofactor, zoals:
- diabetes mellitus met vasculaire symptomen
- ernstige hypertensie
- ernstige dislipoproteïnemie
- Aanwezigheid of anamnese van ernstige leverziekte zolang de leverfunctiewaarden niet zijn
teruggekeerd tot normaal
- Ernstige nierinsufficiëntie of acuut nierfalen
- Aanwezigheid of voorgeschiedenis van levertumoren (benigne of maligne)
- Bekende of vermoedelijke door geslachtssteroïden beïnvloede maligne tumoren (bijv. van de geslachtsorganen of de borsten)
- Niet-gediagnosticeerde vaginale bloeding
- Overgevoeligheid voor de werkzame stoffen of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen
- Overgevoeligheid voor pinda of soja.
Drosana 20 is gecontra-indiceerd voor gelijktijdig gebruik met geneesmiddelen die ombitasvir/paritaprevir/ritonavir, dasabuvir, geneesmiddelen die glecaprevir/pibrentasvir of sofosbuvir/velpatasvir/voxilaprevir bevatten (zie rubriek 4.5).
4.8 Bijwerkingen
Zie rubriek 4.4 voor ernstige bijwerkingen bij gebruiksters van COC’s.
De volgende ongewenste geneesmiddelenreacties zijn gerapporteerd tijdens gecombineerd gebruik van drospirenon en ethinylestradiol:
Onderstaande tabel toont de bijwerkingen volgens de MedDRA systeem/orgaanklassen (MedDRA SOC’s). De frequenties zijn gebaseerd op gegevens uit klinische studies.
Systeem/orgaanklasse | Frequentie van bijwerkingen | |||
| Vaak | Soms | Zelden | Niet bekend (kan niet geschat worden op basis van de beschikbare gegevens) |
Infecties en parasitaire aandoeningen |
| Candidiasis | |
|
Immuunsysteemaandoeningen | | Allergische reactie | Astma | Verergering van de symptomen van erfelijk en veworven angio-oedeem |
Voedings- en stofwisselingsstoornissen | | Toegenomen eetlust | |
|
Psychische stoornissen | Emotionele labiliteit | Depressie | |
|
Zenuwstelselaandoeningen | Hoofdpijn | Paresthesie |
|
|
Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen |
|
| Hypo-acusis |
|
Oogaandoeningen | | Gezichtsstoornis |
|
|
Hartaandoeningen | | Extrasystolen | |
|
Bloedvataandoeningen | | Longembolie | Veneuze trombo-embolische aandoeningen (VTE) Arteriële trombo-embolische aandoeningen (ATE) |
|
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen | | Faryngitis |
|
|
Maag-darmstelselaandoeningen | Buikpijn | Misselijkheid | |
|
Huid- en onderhuidaandoeningen | Acne | Angio-oedeem | |
|
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen | | Nekpijn | |
|
Nier- en urinewegaandoeningen | | Cystitis |
|
|
Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen | Pijn in de borsten | Borstneoplasma |
|
|
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | | Oedeem | |
|
Onderzoeken | Gewichtstoename | Gewichtsverlies |
|
|
Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen
Er is een verhoogd risico waargenomen op arteriële en veneuze trombotische en trombo-embolische voorvallen, waaronder myocardinfarct, beroerte, transiënte ischemische aanvallen, veneuze trombose en longembolie bij vrouwen die gecombineerde hormonale anticonceptiva gebruikten. Hier wordt in rubriek 4.4 dieper op ingegaan.
De volgende ernstige bijwerkingen zijn gemeld bij vrouwen die COC’s gebruiken en worden hierboven besproken in rubriek 4.4 “Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik”:
Veneuze trombo-embolische aandoeningen
Arteriële trombo-embolische aandoeningen
Hypertensie
Levertumoren
Optreden of verslechtering van aandoeningen waarvoor verband met het gebruik van COC’s niet overtuigend is: de ziekte van Crohn, colitis ulcerosa, epilepsie, uterien myoom, porfyrie, systemische lupus erythematodes, herpes gestationis, chorea van Sydenham, hemolytisch uremisch syndroom, cholestatische geelzucht
Chloasma
Bij acute of chronische leverfunctiestoornissen kan het stoppen met het gebruik van COC’s noodzakelijk zijn totdat leverfunctiemarkers terugkeren naar normaal.
- Exogene oestrogenen kunnen de symptomen van erfelijk en verworven angio-oedeem induceren of verergeren.
De frequentie van diagnose van borstkanker is miniem verhoogd onder gebruiksters van COC’s. Daar borstkanker zeldzaam is bij vrouwen onder de 40 jaar is de verhoging van het aantal gering in vergelijking met het totale risico van borstkanker. Het oorzakelijk verband met het gebruik van COC’s is onbekend. Voor verdere informatie, zie rubriek 4.3 en 4.4.
Interacties
Doorbraakbloeding en/of falen van de anticonceptie kunnen een gevolg zijn van interacties van andere geneesmiddelen (enzyminduceerders) met orale anticonceptiva (zie rubriek 4.5).
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via:
België:
Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten
www.fagg.be
Afdeling Vigilantie:
Website: www.eenbijwerkingmelden.be
e-mail: adr@fagg-afmps.be
Luxemburg:
Centre Régional de Pharmacovigilance de Nancy ou Division de la pharmacie et des médicaments de la Direction de la santé
Site internet : www.guichet.lu/pharmacovigilance
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Gedeon Richter Plc.
Gyömrői út 19-21
1103 Boedapest
Hongarije
8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
BE398745
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
01/2025
Datum van goedkeuring : 02/2025
[1] Deze incidenties werden geschat op basis van alle epidemiologische onderzoeksgegevens samen, met gebruik van relatieve risico's voor de verschillende producten, vergeleken met levonorgestrelbevattende gecombineerde hormonale anticonceptiva.
[2] Middelste punt van het bereik ('mid-point of range') van 5-7 per 10.000 vrouwjaren, op basis van een relatief risico voor levonorgestrelbevattende gecombineerde hormonale anticonceptiva versus niet-gebruik van ongeveer 2,3 tot 3,6
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 3562279 | DROSANA 20 0,02MG/3MG FILMOMH TABL 6 X 21 | G03AA12 | € 41,86 | - | Ja | € 23,86 | € 23,86 |
| 3562287 | DROSANA 20 0,02MG/3MG FILMOMH TABL 3 X 21 | G03AA12 | € 26,16 | - | Ja | € 17,16 | € 17,16 |
| 3562295 | DROSANA 20 0,02MG/3MG FILMOMH TABL 13 X 21 | G03AA12 | € 76,4 | - | Ja | € 37,4 | € 37,4 |
