1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Trajenta® 5 mg filmomhulde tabletten
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Elke tablet bevat 5 mg linagliptine.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Filmomhulde tablet (tablet).
Ronde, lichtrode, filmomhulde tablet met een diameter van 8 mm, met de inscriptie ‘D5’ aan de ene zijde en het logo van Boehringer Ingelheim op de andere zijde.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Trajenta is geïndiceerd voor gebruik bij volwassenen met diabetes mellitus type 2 als aanvulling op dieet en lichaamsbeweging om de glykemische controle te verbeteren als:
monotherapie
- wanneer metformine ongeschikt is wegens onverdraagbaarheid, of gecontra‑indiceerd wegens nierinsufficiëntie.
combinatietherapie
- in combinatie met andere geneesmiddelen voor de behandeling van diabetes, waaronder insuline, wanneer deze geen adequate glykemische controle bieden (zie rubrieken 4.4, 4.5 en 5.1 voor de beschikbare gegevens over verschillende combinaties).
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
De linagliptinedosering bedraagt eenmaal per dag 5 mg. Wanneer linagliptine aan metformine wordt toegevoegd, moet de dosis metformine worden gehandhaafd en linagliptine gelijktijdig worden toegediend.
Als linagliptine wordt gebruikt in combinatie met een sulfonylureumderivaat of met insuline, kan worden overwogen om de dosis sulfonylureumderivaat of insuline te verlagen om de kans op hypoglykemie te verminderen (zie rubriek 4.4).
Speciale patiëntgroepen
Nierinsufficiëntie
Bij patiënten met nierinsufficiëntie hoeft de dosis linagliptine niet te worden aangepast.
Leverinsufficiëntie
Uit farmacokinetische onderzoeken blijkt dat er geen dosisaanpassing nodig is bij patiënten met leverinsufficiëntie, maar klinische ervaring met dergelijke patiënten ontbreekt.
Ouderen
Er is geen dosisaanpassing nodig op basis van leeftijd.
Pediatrische patiënten
De werkzaamheid bij kinderen in de leeftijd van 10 tot en met 17 jaar is niet vastgesteld in een klinisch onderzoek (zie rubrieken 4.8, 5.1 en 5.2). Daarom wordt behandeling van kinderen en adolescenten met linagliptine niet aanbevolen. Linagliptine is niet onderzocht bij pediatrische patiënten jonger dan 10 jaar.
Wijze van toediening
De tabletten kunnen op elk moment van de dag met of zonder maaltijd worden ingenomen. Als een dosis wordt overgeslagen, moet deze worden ingenomen zodra de patiënt dit beseft. Er mag geen dubbele dosis op dezelfde dag worden ingenomen.
4.3 Contra‑indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
In de gecombineerde analyse van de placebogecontroleerde onderzoeken was de algehele incidentie van bijwerkingen bij patiënten behandeld met placebo gelijk aan die van patiënten behandeld met 5 mg linagliptine (63,4 % versus 59,1 %).
Het staken van de behandeling als gevolg van bijwerkingen kwam vaker voor bij patiënten die een placebo ontvingen in vergelijking met 5 mg linagliptine (4,3 % versus 3,4 %).
De meest gemelde bijwerking was “hypoglykemie” zoals gezien bij de drievoudige combinatie linagliptine plus metformine plus sulfonylureumderivaat, 14,8 % versus 7,6 % bij placebo.
In de placebogecontroleerde onderzoeken trad bij 4,9 % van de patiënten “hypoglykemie” op als bijwerking bij linagliptine. Hiervan was 4,0 % een lichte vorm en 0,9 % een matige vorm en 0,1 % werd geclassificeerd als een ernstige vorm qua intensiteit. Pancreatitis werd vaker gemeld bij patiënten gerandomiseerd op linagliptine (7 gevallen bij een totaal van 6.580 patiënten die linagliptine kregen tegenover 2 gevallen bij 4.383 patiënten die placebo kregen).
Bijwerkingen in tabelvorm
Gezien de impact van de achtergrondtherapie op bijwerkingen (bijv. op hypoglykemie), werden bijwerkingen geanalyseerd op basis van de respectieve behandeltherapie (monotherapie, als aanvulling op metformine, als aanvulling op metformine plus sulfonylureumderivaten en als aanvulling op insuline).
De placebogecontroleerde onderzoeken omvatten onderzoeken waarin linagliptine werd toegediend als:
- monotherapie met korte duur tot 4 weken
- monotherapie met duur van ≥ 12 weken
- aanvullende therapie op metformine
- aanvullende therapie op metformine + sulfonylureumderivaten
- aanvullende therapie op metformine en empagliflozine
- aanvullende therapie op insuline, met of zonder metformine.
Bijwerkingen, geclassificeerd per systeem/orgaanklasse en volgens voorkeurstermen van MedDRA, die gemeld zijn bij patiënten die in dubbelblinde onderzoeken 5 mg linagliptine ontvingen als monotherapie of als aanvullende therapie, worden in de onderstaande tabel weergegeven (zie tabel 1).
De bijwerkingen worden gerangschikt per absolute frequentie. Frequenties worden gedefinieerd als zeer vaak (≥ 1/10), vaak (≥ 1/100, < 1/10), soms (≥ 1/1.000, < 1/100), zelden (≥ 1/10.000, < 1/1.000), zeer zelden (< 1/10.000) of niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).
Tabel 1 Bijwerkingen gemeld bij patiënten die dagelijks 5 mg linagliptine ontvingen als monotherapie of als aanvullende therapie in klinisch onderzoek en op basis van postmarketingervaring
Systeem/orgaanklasse | Frequentie van bijwerking |
Infecties en parasitaire aandoeningen |
|
Nasofaryngitis | soms |
Immuunsysteemaandoeningen |
|
Overgevoeligheid | soms |
Voedings‑ en stofwisselingsstoornissen |
|
Hypoglykemie1 | zeer vaak |
Ademhalingsstelsel‑, borstkas‑ en mediastinumaandoeningen |
|
Hoesten | soms |
Maagdarmstelselaandoeningen |
|
Pancreatitis | zelden# |
Constipatie2 | soms |
Huid‑ en onderhuidaandoeningen |
|
Angio‑oedeem* | zelden |
Urticaria* | zelden |
Rash* | soms |
Bulleus pemfigoïd | zelden# |
Onderzoeken |
|
Amylase verhoogd | soms |
Lipase verhoogd** | vaak |
* op basis van postmarketingervaring
** op basis van lipaseverhogingen > 3 × ULN waargenomen in klinische onderzoeken
# op basis van Onderzoek naar de cardiovasculaire en renale veiligheid van linagliptine (CARMELINA), zie ook hieronder
1 bijwerking waargenomen in combinatie met metformine plus sulfonylureumderivaat
2 bijwerking waargenomen in combinatie met insuline
Onderzoek naar de cardiovasculaire en renale veiligheid van linagliptine (CARMELINA)
Het CARMELINA‑onderzoek evalueerde de cardiovasculaire en renale veiligheid van linagliptine versus placebo bij patiënten met type 2‑diabetes en met verhoogd cardiovasculair risico op basis van een voorgeschiedenis van vastgestelde macrovasculaire of renale aandoening (zie rubriek 5.1). Het onderzoek omvatte 3.494 met linagliptine (5 mg) behandelde patiënten en 3.485 met placebo behandelde patiënten. Beide behandelingen werden toegevoegd aan standaardzorg gericht op regionale standaarden voor HbA1c en cardiovasculaire risicofactoren. De totale incidentie van bijwerkingen en ernstige bijwerkingen bij met linagliptine behandelde patiënten en bij met placebo behandelde patiënten was vergelijkbaar. De veiligheidsgegevens van dit onderzoek waren in lijn met het eerdere veiligheidsprofiel van linagliptine.
In de behandelde populatie werden ernstige hypoglykemische voorvallen (waarbij assistentie nodig was) gerapporteerd bij 3,0 % van de patiënten die werden behandeld met linagliptine en bij 3,1 % van de patiënten die werden behandeld met placebo. Onder de patiënten die sulfonylureumderivaten gebruikten bij baseline, was de incidentie van ernstige hypoglykemie 2,0 % bij patiënten die werden behandeld met linagliptine en 1,7 % bij patiënten die werden behandeld met placebo. Onder patiënten die insuline gebruikten bij baseline, was de incidentie van ernstige hypoglykemie 4,4 % bij patiënten die werden behandeld met linagliptine en 4,9 % bij patiënten die werden behandeld met placebo.
In de totale observatieperiode van het onderzoek werd onafhankelijk beoordeelde acute pancreatitis gerapporteerd bij 0,3 % van de patiënten die werden behandeld met linagliptine en bij 0,1 % van de patiënten die werden behandeld met placebo.
In het CARMELINA‑onderzoek werd bulleus pemfigoïd gerapporteerd bij 0,2 % van de patiënten die werden behandeld met linagliptine en niet bij patiënten die werden behandeld met placebo.
Pediatrische patiënten
Over het algemeen was het veiligheidsprofiel van linagliptine in klinisch onderzoek bij pediatrische patiënten in de leeftijd van 10 tot en met 17 jaar met diabetes mellitus type 2 vergelijkbaar met het veiligheidsprofiel dat is waargenomen bij de volwassen populatie.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via:
België
Federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten
www.fagg.be - Afdeling Vigilantie:
Website: www.eenbijwerkingmelden.be
e-mail: adr@fagg.be
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Boehringer Ingelheim International GmbH
Binger Str. 173
55216 Ingelheim am Rhein
Duitsland
8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
EU/1/11/707/001 (10 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/002 (14 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/003 (28 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/004 (30 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/005 (56 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/006 (60 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/007 (84 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/008 (90 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/009 (98 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/010 (100 × 1 tabletten)
EU/1/11/707/011 (120 × 1 tabletten)
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
24/01/2025
Gedetailleerde informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau https://www.ema.europa.eu.
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2859676 | TRAJENTA 5 MG COMP 100 | A10BH05 | € 131,04 | - | Ja | € 2 | € 1 |
| 2859684 | TRAJENTA 5 MG COMP 30 | A10BH05 | € 45,57 | - | Ja | € 2 | € 1 |