1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
MAGNECLO STEROP 10mEq/10ml oplossing voor injectie
MAGNECLO STEROP 30mEq/10ml concentraat voor oplossing voor infusie
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
De werkzame stof is magnesiumchloride hexahydraat.
MAGNECLO STEROP 10mEq/10ml: Elke ampul van 10ml bevat 1g magnesiumchloride hexahydraat.
MAGNECLO STEROP 30mEq/10ml: Elke ampul van 10ml bevat 3g magnesiumchloride hexahydraat.
Ionische samenstelling | Mg2+ | Cl- | |||
| mg/ml | mEq/ml | mmol/ml | mEq/ml | mmol/ml |
MAGNECLO STEROP 10mEq/10ml | 11,96 | 0,984 | 0,492 | 0,984 | 0,984 |
MAGNECLO STEROP 30mEq/10ml | 35,87 | 2,952 | 1,476 | 2,952 | 2,952 |
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Oplossing voor injectie of concentraat voor oplossing voor infusie (Sterile concentrate).
Waterige, heldere, kleurloze oplossing, vrij van zichtbare deeltjes.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
- Behandeling van magnesiumtekorten, met name de daaruit voortvloeiende convulsies.
- Behandeling van torsades de pointes en andere aritmiëen.
- Behandeling van eclampsie en pre-eclampsie.
MAGNECLO STEROP is geïndiceerd voor gebruik bij volwassenen, zuigelingen en kinderen.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
Ernstig tekort
Volwassenen: Met een langzaam IV infuus gedurende 3 uur, op basis van een oplossing van 20 % of een lagere concentratie: ± 4,1 g MgCl2.6H2O (of 40 mEq of 20 mmol Mg2+) in een liter glucose of 5 % of NaCl aan 0,9 %.
Zuigelingen: 20 tot 41 mg MgCl2.6H2O per kg per dosis (0,2 tot 0,4 mEq Mg2+/kg/dosis) om de 8 tot 12 uur.
Kinderen: 81 tot 163 mg MgCl2.6H2O per kg per dosis (of 0,8 tot 1,6 mEq Mg2+/kg/dosis) 4 keer per dag.
Parenterale voeding
Volwassenen: Met IV, 0,81 tot 2,4 g MgCl2.6H2O (of 8 tot 24 mEq Mg2+ of 4 tot 12 mmol) per dag op basis van een oplossing van 20 % verdund in een glucoseoplossing of in een zoutoplossing.
Torsades de pointes
Met langzame IV: 0,81 tot 1,63 g MgCl2.6H2O (of 8 tot 16 mEq of 4 tot 8 mmol Mg2+) in 50 tot 100 ml glucose op 5 %.
Eclampsie (zwangerschapsstuipen)
Met langzame IV, op basis van een oplossing van 10 % of 20 %: 3,3 tot 4,1 g MgCl2.6H2O (of 32 tot 40 mEq Mg2+ of 16 tot 20 mmol) in 250 ml glucose of 5 % of 0,9 % NaCl, te injecteren in 20 tot 30 minuten. Deze injectie kan gevolgd worden door een infuus van 0,81 g MgCl2.6H2O (of 8 mEq of 4 mmol Mg2+) per uur.
Alternatief, IM injectie, tot 8,1 g MgCl2.6H2O (of 80 mEq of 40 mmol Mg2+) in de vorm van een oplossing van 50 %.
De intramusculaire weg is pijnlijk. Voor de behandeling van ernstige eclampsie, zal deze toedieningsweg enkel gebruikt worden als de veneuze toegang onmogelijk is of ter aanvulling van de intraveneuze weg.
Nierinsufficiëntie
Vermits magnesium uitsluitend via de nieren uit het organisme wordt verwijderd, is uiterste voorzichtigheid geboden bij toediening aan patiënten met nierinsufficiëntie. De posologie moet worden verlaagd onder strikte controle van de nierfunctie en de magnesemie.
Teneinde een aangepaste uitscheiding van magnesium te waarborgen, moet de diurese worden gehandhaafd op minstens 100 ml alle 4 uren.
Wijze van toediening
- Bij een chronisch tekort en een gematigd tekort, is een toediening langs orale weg voldoende. Als de dringende repletie eenmaal gewaarborgd is door de magnesiuminjectie, moet een orale toediening overnemen.
- Voor de intraveneuze weg dient men een oplossing van maximum 20 % te gebruiken. Bij een continue injectie (infuus), mag men ongeveer 124 mg/minuut niet overschrijden, behalve om een ernstige eclampsie te behandelen.
- Het is in alle geval noodzakelijk om regelmatig het magnesium-plasmagehalte te controleren.
4.3 Contra-indicaties
- Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
- Hypermagnesemie.
- Ernstige nierinsufficiëntie met dodelijk risico (creatine clearance lager dan 30 ml/min/1,73m2).
- Auriculo-ventriculaire blokken (ziekte van Adams-Stokes, ziekte van Lenègre).
- Sinuso-auriculaire blokken.
4.8 Bijwerkingen
De ongewenste effecten die gepaard gaan met een parenterale toediening van magnesiumchloride zijn het resultaat van een magnesiumvergiftiging die zich reeds kan voordoen vanaf een serumgehalte van 4 mEq/l.
Zij worden hieronder opgelijst en ingedeeld per orgaansysteem en volgens hun frequentie. De frequenties worden als volgt bepaald: zelden (≥ 1/10 000, < 1/1000); niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).
Orgaansysteem | Bijwerkingen | Frequentie |
Bloed- en lymfestelselaandoeningen | Verlenging van de bloedingstijd en remming van de bloedplaatjesaggregatie. | Niet bekend |
Voedings- en stofwisselingsstoornissen | Hypocalciëmie1 | Zelden |
Hypofosfatemie, hyperkaliëmie en hyperosmolariteit. | Niet bekend | |
Zenuwstelselaandoeningen | Hoofdpijn, dysartrie, verminderde afgifte van neurotransmitters met als gevolg een blokkering van de neuromusculaire transmissie2, hyporeflexie, lichte paralysie, verwarring en onderdrukking van het centraal zenuwstelsel. | Niet bekend |
Oogaandoeningen | Troebel zicht, fotofobie, diplopie, vermindering van de visuele scherpte, nystagmus. | Niet bekend |
Hartaandoeningen | Elektrocardiografische wijzigingen (verlenging van het PQ-interval, verruiming van het QRS-interval), bradycardie, hartinsufficiëntie, zelfs hartstilstand. | Niet bekend |
Bloedvataandoeningen | Vasodilatatie, opvliegers, hypotensie, collapsus van de bloedsomloop. | Niet bekend |
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen | Kortademigheid, ademhalingsdepressie, pulmonair oedeem, ademhalingsparalysie (die dodelijk kan zijn). | Niet bekend |
Maagdarmstelselaandoeningen | Misselijkheid en braken (vroegtijdige tekenen van hypermagnesemie), paralytische ileus3, meconiumileus3. | Niet bekend |
Huid- en onderhuidaandoeningen | Transpiratie, rash. | Niet bekend |
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen | Myasthenia gravis4. | Niet bekend |
Nier- en urinewegaandoeningen | Nierinsufficiëntie5. | Niet bekend |
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | Hypothermie. | Niet bekend |
1 Hypocalciëmie zou zich enkel voordoen in aanwezigheid van andere bevorderlijke factoren.
2De vermindering van de peesreflexen gaat in het algemeen de ademhalingsdepressie vooraf en vormt een nuttige klinische indicator voor de therapeutische opvolging.
3De paralytische ileus is een complicatie die zich zelden voordoet als magnesiumchloride gebruikt wordt als een tocolytisch middel.
Een meconiumileus werd gemeld bij een zuigeling na de toediening van magnesiumchloride als tocolytisch middel.
4Myasthenia gravis, die bij 0,005 % tot 0,01 % van de bevolking voorkomt, wordt gekenmerkt door zwakheid en een neiging tot vermoeidheid van de willekeurige spieren, in het bijzonder diegene die geïnnerveerd worden door de craniale zenuw. Elk proces dat de synthese en afgifte van acetylcholine vermindert, of dat het aantal receptoren van acetylcholine in de neuromusculaire verbinding vermindert, kan interfereren met de musculaire contractie en zwakheid teweegbrengen.
Zo kunnen hoge magnesiumgehaltes in de extracellulaire ruimte interfereren met de afgifte van acetycholine en een myasthenie versnellen of verergeren. Het gebruik van magnesiumchloride is dus tot op zekere hoogte gecontra-indiceerd bij personen die aan myasthenia gravis lijden.
De typische tekenen van myasthenie omvatten ptosis, diplopie, troebel zicht en, in sommige gevallen, moeilijkheden om te slikken, te spreken of te ademen.
De basis van de behandeling bestaat uit een toediening van anticholinesterase geneesmiddelen.
5Hypermagnesemie kan bijdragen tot de ontwikkeling van nierinsufficiëntie bij patiënten zonder antecedenten van een nierstoornis. Patiënten met een reeds bestaande nierinsufficiëntie hebben aanleg om hypermagnesemie te ontwikkelen gezien de vermindering van de eliminatie via de nieren.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten - Afdeling Vigilantie - Galileelaan 5/03 – 1210 Brussel.
Website: www.eenbijwerkingmelden.be
e-mail: adr@fagg.be
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Laboratoires STEROP NV - Scheutlaan 46-50 - 1070 Brussel - België.
8. NUMMERS VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
MAGNECLO STEROP 10mEq/10ml: BE259971
MAGNECLO STEROP 30mEq/10ml: BE259962
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
01/2022
Goedkeuringsdatum van de tekst: 01/2022
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2117539 | MAGNECLO STEROP INSP. OPL. 1G/10ML 10 | B05XA11 | € 30,37 | - | Ja | - | - |
| 2117554 | MAGNECLO STEROP INSP. OPL. 3G/10ML 10 | B05XA11 | € 50,83 | - | Ja | - | - |