SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN
1 NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Tritazide 5 mg/25 mg tabletten
2 KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Elke tablet bevat 5 mg ramipril en 25 mg hydrochlorothiazide.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3 FARMACEUTISCHE VORM
Tritazide 5 mg/25 mg tabletten zijn witte tot nagenoeg witte, langwerpige tabletten met afmetingen van 10 x 5,6 mm met een breukstreep.
Aan beide zijden van de tablet staan de letters “HNW” en het bedrijfslogo ingegraveerd.
De tablet kan verdeeld worden in gelijke doses.
4 KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Behandeling van hypertensie.
Deze vaste dosis combinatie is aangewezen bij patiënten waarbij de bloeddruk onvoldoende onder controle is met ramipril alleen of hydrochlorothiazide alleen.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
Het wordt aanbevolen om Tritazide in te nemen eenmaal daags, op hetzelfde tijdstip van de dag, gewoonlijk ’s morgens.
Tritazide kan ingenomen worden voor, met of na de maaltijden, omdat de inname van voedsel geen invloed heeft op de biobeschikbaarheid (zie rubriek 5.2).
Tritazide moet ingeslikt worden met vloeistof. Het mag niet gekauwd of geplet worden.
Volwassenen
De dosis moet individueel aangepast worden volgens het profiel van de patiënt (zie rubriek 4.4) en de bloeddrukcontrole. De toediening van de vaste combinatie van ramipril en hydrochlorothiazide wordt gewoonlijk aanbevolen na dosistitratie met één van de individuele componenten.
Tritazide moet gestart worden in de laagste beschikbare dosis. Indien nodig, kan de dosis geleidelijk verhoogd worden om de beoogde bloeddruk te bereiken; de maximale toegestane doseringen zijn 10 mg ramipril en 25 mg hydrochlorothiazide per dag.
Bijzondere populaties
Patiënten behandeld met diuretica
Bij patiënten die gelijktijdig behandeld worden met diuretica, is voorzichtigheid aanbevolen aangezien hypotensie kan optreden na het opstarten van de behandeling. Er moet overwogen worden om de dosis van het diureticum te verlagen of het diureticum te stoppen alvorens een behandeling met Tritazide te starten.
Indien het niet mogelijk is om te stoppen, wordt aanbevolen om de behandeling te starten met de kleinst mogelijke dosis ramipril (1,25 mg daags) in een vrije combinatie. Het is aangeraden om nadien over te schakelen naar een initiële dagelijkse dosis van maximaal 2,5 mg ramipril/12,5 mg hydrochlorothiazide.
Patiënten met nierfunctiestoornissen
Tritazide is gecontra-indiceerd bij ernstige nierfunctiestoornissen omwille van de hydrochlorothiazide component (creatinineklaring < 30 ml/min) (zie rubriek 4.3).
Patiënten met een verstoorde nierfunctie kunnen lagere doseringen van Tritazide nodig hebben. Patiënten met een creatinineklaring tussen 30 en 60 ml/min mogen alleen behandeld worden met de laagste vaste dosis combinatie van ramipril en hydrochlorothiazide na toediening van ramipril alleen. De maximale toegestane doseringen zijn 5 mg ramipril en 25 mg hydrochlorothiazide per dag.
Patiënten met leverinsufficiëntie
Bij patiënten met lichte tot matige leverinsufficiëntie mag de behandeling met Tritazide alleen onder strikt medisch toezicht worden opgestart en de maximale dagdosissen zijn 2.5 mg ramipril en 12.5 mg hydrochlorothiazide.
Tritazide is gecontraïndiceerd bij ernstige leverinsufficiëntie (zie rubriek 4.3).
Ouderen
De aanvangsdoseringen moeten lager zijn en de daarop volgende dosistitraties moeten geleidelijker zijn omwille van een hoger risico op bijwerkingen, in het bijzonder bij zeer oude en fragiele patiënten.
Pediatrische populatie
Tritazide wordt niet aanbevolen voor het gebruik bij kinderen en adolescenten jonger dan 18 jaar vanwege onvoldoende gegevens over veiligheid en werkzaamheid.
Wijze van toediening
Oraal gebruik.
4.3 Contra-indicaties
- Overgevoeligheid voor de werkzame stoffen of voor een andere ACE-remmer (Angiotensine-Conversie-Enzym remmer), andere thiazide diuretica, sulfonamide-derivaten of voor één van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
- Voorgeschiedenis van angio-oedeem (hereditaire, idiopatische of te wijten aan een vorig angio-oedeem met ACE-remmers of AIIRAs).
- Gelijktijdig gebruik met sacubitril/valsartan therapie (zie rubrieken 4.4 en 4.5).
- Extracorporale behandelingen die leiden tot contact van bloed met negatief geladen oppervlakken (zie rubriek 4.5)
- Belangrijke bilaterale arteria renalis stenose of stenose van de arteria renalis van één enkele functionerende nier.
- Tweede en derde trimester van de zwangerschap (zie rubriek 4.6)
- Lactatie (zie rubriek 4.6)
- Ernstige nierinsufficiëntie met een creatinineklaring lager dan 30 ml/min bij niet gedialyseerde patiënten
- Klinisch relevante elektrolytenstoornissen die kunnen verergeren na behandeling met Tritazide (zie rubriek 4.4)
- Ernstige leverinsufficiëntie
- Hepatische encephalopathie
- Het gelijktijdig gebruik van Tritazide met aliskiren-bevattende geneesmiddelen is gecontra-indiceerd bij patiënten met diabetes mellitus of nierinsufficiëntie (GFR < 60 ml/min/1,73 m2) (zie rubrieken 4.5 en 5.1).
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
Het veiligheidsprofiel van ramipril + hydrochlorothiazide omvat ongewenste reacties die optreden in het kader van hypotensie en/of vochttekort als gevolg van de toegenomen diurese. Het ramipril werkzame bestanddeel kan aanleiding geven tot aanhoudende droge hoest, terwijl het hydrochlorothiazide werkzame bestanddeel kan leiden tot een verslechtering van het glucose-, lipiden- en urinezuurmetabolisme. De twee werkzame bestanddelen hebben omgekeerde effecten op het plasmakalium. Ernstige ongewenste reacties omvatten angio-oedeem of anafylactische reacties, nier- of leverinsufficiëntie, pancreatitis, ernstige huidreacties en neutropenie/agranulocytose.
Overzicht van de bijwerkingen in tabelvorm
De frequentie van ongewenste reacties wordt gedefinieerd volgens de volgende conventie:
Zeer vaak (≥ 1/10); vaak (≥ 1/100 tot < 1/10); soms (≥ 1/1000 tot < 1/100); zelden (≥ 1/10.000 tot < 1/1000); zeer zelden (< 1/10.000), niet bekend (kan niet geschat worden aan de hand van de beschikbare gegevens).
Binnen iedere frequentiegroep worden de bijwerkingen gerangschikt naar afnemende ernst.
| Vaak | Soms | Zeer zelden | Niet bekend |
Neoplasmata, benigne, maligne en niet-gespecifieerd (inclusief cysten en poliepen) |
|
|
| Niet-melanome huidkanker* (basaalcel-carcinoom en plaveiselcel-carcinoom) |
Bloed- en lymfestelselaandoeningen |
| Daling van het aantal witte bloedcellen, daling van het aantal rode bloedcellen, daling van hemoglobine, hemolytische anemie, daling van het aantal bloedplaatjes |
| Beenmerginsuf-ficiëntie, neutropenie met inbegrip van agranulocytose, pancytopenie, eosinofilie |
Immuunsysteemaandoeningen |
|
|
| Anafylactische of anafylactoïde reacties op ramipril of anafylactische reactie op hydrochloro-thiazide, toename van antinucleaire antilichamen |
Endocriene |
|
|
| Syndroom van inadequate secretie van antidiuretisch hormoon (SIADH) |
Voedings- en stofwisselingsstoornissen | Inadequate controle van diabetes mellitus, verminderde glucosetolerantie, gestegen glycemie, gestegen uricemie, verergering van jicht, gestegen cholesterol- en/of triglyceriden- spiegels te wijten aan hydrochlorothiazide | Anorexie, verminderde eetlust | Stijging van het bloed-natrium-gehalte | Daling van het bloednatrium-gehalte |
Psychische stoornissen |
| Depressieve stemming, apathie, angst, zenuwachtigheid, slaapstoornissen waaronder somnolentie |
| Verwarde toestand, rusteloosheid, concentratiestoor-nissen |
Zenuwstelselaandoeningen | Hoofdpijn, duizeligheid | Vertigo, paresthesie, tremor, evenwichtsstoornis, brandend gevoel, dysgeusie, ageusie |
| Cerebrale ischemie met inbegrip van ischemisch CVA en TIA (transient ischaemic attack), verstoorde psychomotorische vaardigheden, parosmie |
Oogaandoeningen |
| Gezichtsstoornissen met inbegrip van wazig zicht, conjunctivitis |
| Xanthopsie, verminderde traansecretie te wijten aan hydro-chlorothiazide, choroïdale effusie, secundair acuut geslotenkamer-hoekglaucoom en/of acute myopie door hydrochloro-thiazide. |
Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen |
| Tinnitus |
| Gehoorstoornissen |
Hartaandoeningen |
| Myocardischemie met inbegrip van angina pectoris, tachycardie, aritmie, palpitaties, perifeer oedeem |
| Myocardinfarct |
Bloedvataandoeningen |
| Hypotensie, verlaagde orthostatische bloeddruk, syncope, flushing |
| Trombose in het kader van ernstig vochttekort, vasculaire stenose, hypoperfusie, fenomeen van Raynaud, vasculitis |
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen | Niet-productieve prikkelhoest, bronchitis | Sinusitis, dyspneu, neuscongestie | “Acute respiratory distress”-syndroom (ARDS) (zie rubriek 4.4) | Bronchospasme met inbegrip van verergering van astma |
Maagdarmstelselaandoeningen |
| Gastro-intestinale inflammatie, digestieve stoornissen, maaglast, dyspepsie, gastritis, misselijkheid, constipatie | Braken, afteuze stomatitis, glossitis, diarree, pijn in bovenbuik, droge mond | Pancreatitis (er werden zeer uitzonderlijk gevallen met een fatale afloop gerapporteerd met ACE-remmers), gestegen pancreasenzymen, angio-oedeem van de dunne darm |
Lever- en galaandoeningen |
| Cholestatische of cytolytische hepatitis (een fatale afloop was zeer uitzonderlijk), gestegen leverenzymen en/of geconjugeerd bilirubine |
| Acute leverinsufficiëntie, cholestatische icterus, hepatocellulaire letsels |
Huid- en onderhuidaandoeningen |
| Angio-oedeem: zeer uitzonderlijk, kan de luchtwegobstructie als gevolg van angio-oedeem een fatale afloop hebben; psoriasiforme dermatitis, hyperhidrosis, rash, in het bijzonder maculo-papulaire rash, pruritus, alopecia |
| Toxische epidermale necrolyse, Stevens-Johnson syndroom, erythema multiforme, pemphigus, verergering van psoriasis, exfoliatieve dermatitis, fotosensibiliteits-reactie, onycholysis, pemfigoïd of lichenoïd exantheem of enantheem, urticaria |
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen |
| Myalgie |
| Artralgie, spierspasmen |
Nier- en urinewegaandoeningen |
| Nierfunctiestoornissen met inbegrip van acute nierinsufficiëntie, toegenomen urine-excretie, gestegen uremie, gestegen creatininemie |
| Verergering van vooraf bestaande proteïnurie |
Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen |
| Voorbijgaande erectiele impotentie |
| Verminderde libido, gynaecomastie |
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | Vermoeidheid, asthenie | Borstpijn, pyrexie |
|
|
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via: Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten – Afdeling Vigilantie – Postbus 97 –1000 Brussel Madou – Website: www.eenbijwerkingmelden.be – e-mail: adr@fagg.be
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1151497 | TRITAZIDE COMP 28X5MG/25MG | C09BA05 | € 12,41 | - | Ja | - | - |
| 2545986 | TRITAZIDE COMP 56X5MG/25MG | C09BA05 | € 17,99 | - | Ja | € 4,16 | € 2,5 |