SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
PULMICORT 0,25 mg/ml, vernevelsuspensie
PULMICORT 0,5 mg/ml, vernevelsuspensie
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
PULMICORT 0,25 mg/ml (500 microgram/dosis) bevat 0,25 mg budesonide per ml suspensie.
PULMICORT 0,5 mg/ml (1000 microgram/dosis) bevat 0,5 mg budesonide per ml suspensie.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
PULMICORT 0,25 mg/ml, vernevelsuspensie
PULMICORT 0,5 mg/ml, vernevelsuspensie
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
PULMICORT is aangewezen als basisbehandeling bij bronchiaal astma wanneer een anti-inflammatoire behandeling nodig blijkt door een onvoldoende respons op bronchodilatatoren en op natriumcromoglicaat en voor wat PULMICORT vernevelsuspensie betreft wanneer het gebruik van een doseeraerosol onder druk of een droog poederformulering onvoldoende of ongeschikt is. Als het om het inflammatoire aspect van astma gaat, kan de arts de behandeling inzetten met inhalatiecorticosteroïden en vervolgens bèta-agonisten toevoegen wanneer dit nodig blijkt.
De maximale therapeutische werking van PULMICORT treedt op na ongeveer 10 dagen behandeling. Het gebruik ervan laat toe de orale corticotherapie te verminderen of zelfs af te schaffen.
PULMICORT vernevelsuspensie is ook aangewezen voor de behandeling van zeer ernstige pseudokroep (laryngitis subglottica), waarbij een ziekenhuisopname geïndiceerd is.
4.2 Dosering en wijze van toediening
1) Bronchiaal astma
De behandeling van astma (bij een volwassen patiënt of bij een kind) berust op de volgende principes:
- de patiënt moet aan de hand van geschreven richtlijnen geïnformeerd worden over de onderhoudsbehandeling en de therapeutische schema's;
- vermijden en controleren van factoren die astma uitlokken: een uitgeschreven plan met maatregelen moet aan de patiënt of aan de ouders van het kind met astma overhandigd worden om hen vertrouwd te maken met de behandeling van acute opflakkeringen en de aanpassing van de posologie op basis van objectieve parameters zoals een meting van het piek-expiratiedebiet;
- een behandeling met geneesmiddelen starten, eventueel in combinatie met een psychologische begeleiding (kinderen met een moeilijk te behandelen toestand).
De posologie is individueel en moet bepaald worden door de behandelende arts. Het is belangrijk PULMICORT regelmatig te gebruiken aangezien dit product geen onmiddellijke verlichting van de bronchospasmen veroorzaakt. De volgende doseringsschema's kunnen als richtlijn dienen.
De onderhoudsdosis is de laagste dosis waarmee de patiënt asymptomatisch kan worden gehouden.
Gezien de hoge veiligheidscoëfficiënt werd PULMICORT in bijzonder ernstige gevallen in hoge dosissen toegediend.
De toe te dienen dosis wordt op individuele basis vastgesteld, vervolgens, eens de astma onder controle is, zal de onderhoudsbehandeling aangepast worden en overeenkomen met de kleinst mogelijke doeltreffende dosis. De volledige dosis wordt verdeeld over 1 of 2 innames per dag. Dagelijkse hoeveelheden van 0,25 tot 1 mg mogen in één enkele inname toegediend worden.
- Volwassenen en bejaarde patiënten
Aanbevolen aanvangsdosis | 1-2 mg per dag |
Onderhoudsbehandeling | 0,5-4 mg per dag |
Zeer ernstige gevallen | De dosissen mogen verhoogd worden |
- Kinderen vanaf 3 maanden
Aanbevolen aanvangsdosis | 0,25-0,5 mg per dag |
Patiënten behandeld met orale steroïden | 1 mg per dag indien nodig |
Onderhoudsbehandeling | 0,25-2 mg per dag |
- Toediening in een eenmalige dagelijkse dosis
Deze kan overwogen worden bij volwassenen en kinderen met licht tot matig astma, waarbij de onderhoudsdosis zich tussen 0,25 en 1 mg/dag situeert.
Zij kan ingesteld worden bij patiënten die niet met corticosteroïden behandeld werden, evenals bij patiënten waarbij de astma goed onder controle is met geïnhaleerde corticosteroïden.
De dosis wordt ofwel ’s morgens ofwel ’s avonds toegediend en in geval van verslechtering van de astma zal de dosis over de hele dag verdeeld worden indien nodig.
- Optreden van het therapeutisch effect
Er treedt een verbetering op in de astmacontrole binnen de 3 dagen, maar het maximale effect zal pas na 2-4 weken bereikt worden.
De overeenkomst tussen de dosissen en de afleveringsvormen van de suspensie wordt in de volgende tabel gegeven:
Dosis in mg | Overeenkomstig volume van een suspensie van 0,25 mg/ml | Overeenkomstig volume van een suspensie van 0,50 mg/ml |
0,25 mg | 1 ml | --- |
0,5 mg | 2 ml | 1 ml |
0,75 mg | 3 ml | --- |
1 mg | --- | 2 ml |
1,5 mg | --- | 3 ml |
2 mg | --- | 4 ml |
- Vernevelaar
PULMICORT vernevelsuspensie wordt toegediend met behulp van een vernevelaar. De afgeleverde hoeveelheid is afhankelijk van de aard van het gebruikte apparaat. Deze hoeveelheid is afhankelijk van verschillende factoren waaronder de vernevelingstijd, het vulvolume, de eigenschappen van het apparaat, de verhouding van de inspiratoire en expiratoire debieten van de patiënt, de respiratoire capaciteit en het gebruik van een masker of van een mondstuk.
Opmerking:
- Vernevelaars met ultratonen zijn niet geschikt wegens het geringe debiet.
- De volgende vernevelaars werden in klinische studies gebruikt: Pari Inhalierboy, Aiolos, Easy Air, Spira, Hudson, Ventstream en Sidestream.
In vitro tests hebben variaties van 30-70% voor de nominale dosis aangetoond, afhankelijk van de vernevelaar en de gebruikte compressor.
Voor een zelfde apparaat zijn de vernevelingstijd en de hoeveelheid afgeleverde substantie afhankelijk van het debiet en van het vulvolume.
Voor PULMICORT suspensie wordt het optimale rendement verkregen met een debiet van
5-8 l/min en een vulvolume van 2-4 ml.
Op basis van in vitro studies wordt de afgeleverde dosis budesonide op 11-22% van de nominale dosis geraamd.
- Gebruiksaanwijzing van PULMICORT vernevelsuspensie
- PULMICORT vernevelsuspensie kan gemengd worden met een 0,9%-ige fysiologische oplossing en met oplossingen voor verneveling van terbutaline, salbutamol, fenoterol, acetylcysteïne, natriumcromoglicaat of ipratropium. Het mengsel moet binnen de 30 minuten gebruikt worden.
- De dosissen kunnen verdeeld worden naar gelang de voorgeschreven posologie. Elke dosis vertoont een merklijn die een volume van 1 ml aangeeft wanneer de dosis omgekeerd gehouden wordt.
- Als slechts 1 ml mag gebruikt worden moet de inhoud van de dosis geledigd worden totdat de vloeistof de lijn bereikt. Een geopende dosis moet in de aluminiumfolie omslag bewaard worden en verder gebruikt worden binnen de daaropvolgende 12 uren. Indien slechts 1 ml vernevelsuspensie wordt gebruikt, dient opgemerkt te worden dat het overige volume in de verpakking niet langer steriel is. De nog niet geopende dosissen moeten eveneens in de aluminiumfolie omslag bewaard worden en moeten binnen de 3 maand gebruikt worden.
- Patiënten dienen hun mond na elke inhalatie met water uit te spoelen om het risico op orofaryngeale candida-infectie tot een minimum te beperken. Indien een vernevelaar met faciaal masker werd gebruikt, moet het deel van het aangezicht, dat door dit masker bedekt werd, met water gereinigd worden.
TOEDIENING
De toediening van een dosis budesonide veroorzaakt een verbetering van de longfunctie binnen enkele uren. Het volledige therapeutische effect van budesonide via orale inhalatie zal echter slechts bereikt worden na meerdere weken. Sommige patiënten kunnen een excessieve accumulatie van mucus in de bronchiën vertonen, waardoor de actieve substantie wordt verhinderd, in de mucosa door te dringen. In dergelijke gevallen is het aangewezen, een bijkomende orale corticotherapie van korte duur (ongeveer twee weken) toe te dienen, met een geleidelijk afnemende posologie. Nadien zal enkel de normale behandeling met PULMICORT volstaan. Astma-exacerbaties, veroorzaakt door bacteriële infecties, zullen behandeld worden met een aangepaste antibiotherapie en eventueel door de PULMICORT-posologie te verhogen.
- Het gebruik van PULMICORT kan orale glucocorticosteroïden vervangen of de dosis ervan significant verlagen terwijl de astma onder controle blijft. Wanneer overgeschakeld wordt van orale steroïden op PULMICORT dient de patiënt in een betrekkelijk stabiele fase te verkeren. PULMICORT wordt dan in een hoge dosis gedurende circa 10 dagen aan de bestaande medicatie van orale corticosteroïden toegevoegd.
Na deze periode kan worden begonnen met een geleidelijke verlaging van de orale dosis corticosteroïd (met bijvoorbeeld elke maand 2,5 mg prednisolon of het equivalent hiervan) tot het laagst mogelijke niveau. In vele gevallen is het mogelijk om het orale corticosteroïd volledig door PULMICORT te vervangen. Voor meer informatie over het afbouwen van corticosteroïden, zie rubriek 4.4.
- Tijdens de ontwenning kunnen sommige patiënten aan gewrichts- of spierpijnen lijden of last hebben van vermoeidheid en depressie, ondanks het behoud of zelfs verbeteren van de longfunctie.
De patiënt zal aangemoedigd worden de behandeling met PULMICORT verder te zetten en objectieve tekenen van cortico-suprarenale insufficiëntie zullen opgevolgd worden.
Indien een cortico-suprarenale insufficiëntie wordt vastgesteld, zal de dosis systemische corticoïden tijdelijk verhoogd worden en zal de ontwenning vervolgens vertraagd worden.
Gedurende stresserende periodes of tijdens ernstige astma-aanvallen, zal de overgang naar geïnhaleerde corticosteroïden een bijkomende aanvoer van systemische corticosteroïden vereisen.
2) Pseudokroep
Bij zuigelingen en kinderen is de gebruikelijke dosering 2 mg verneveld budesonide. Dit wordt eenmalig toegediend of als twee doses van 1 mg met een tussenpoos van 30 minuten. De dosering kan elke 12 uur herhaald worden met een maximum van 36 uur of totdat klinische verbetering optreedt.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor het werkzaam bestanddeel of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
PULMICORT in inhalatie is niet geschikt voor de acute behandeling van ernstige aanvallen van astma.
4.8 Bijwerkingen
Bijwerkingen in tabel
De klinische proeven, de literatuur en de ervaringen na de commercialisatie melden dat de volgende bijwerkingen kunnen voorkomen.
De frequenties van de bijwerkingen zijn als volgt gerangschikt: zeer vaak (≥1/10), vaak (≥1/100, <1/10), soms (≥1/1000, <1/100), zelden (≥1/10000, <1/1000), zeer zelden (<1/10000) en niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).
Orgaansysteem | Frequentie | Bijwerking |
Infecties en en parasitaire aandoeningen | Vaak | Orofaryngeale candidiasis |
Immuunsysteemaandoeningen | Zelden | Directe en uitgestelde hypersensitiviteitsreacties*, inbegrepen: rash, contactdermatitis, urticaria, angioedeem en anafylactische reactie |
Endocriene aandoeningen | Zelden | Tekenen en symptomen van systemische corticosteroïdeffecten, inbegrepen: bijniersuppressie en groeivertraging** |
Oogaandoeningen | Soms | Cataract, wazig zien (zie ook rubriek 4.4) |
Psychische stoornissen | Soms | Depressie, angst |
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen | Vaak | Hoest |
Huid- en onderhuidaandoeningen | Zelden | Blauwe plekken |
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen | Soms | Spierspasme |
Zenuwstelselaandoeningen | Soms | Tremor |
* Irritatie van de gezichtshuid, als voorbeeld van een overgevoeligheidsreactie, is opgetreden in enkele gevallen na gebruik van een vernevelaar met een gezichtsmasker. Om irritatie van de gezichtshuid te voorkomen, moet de huid met water gewassen worden na elk gebruik van het gezichtsmasker.
** zie hieronder de rubriek ‘Pediatrische patiënten.
Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen
In placebo-gecontroleerde studies werd cataract soms ook gemeld bij de placebogroep.
In zeldzame gevallen kunnen, door onbekende mechanismen, geneesmiddelen, toegediend via inhalatie, bronchospasmen veroorzaken.
Tekenen of symptomen van systemische glucocorticosteroïdeneffecten, inclusief hypofunctie van de bijnieren, kunnen zich occasioneel voordoen bij geïnhaleerde glucocorticosteroïden, waarschijnlijk afhankelijk van de dosis, blootstellingstijd, gelijktijdige en vroegere blootstelling aan glucocorticosteroïden en individuele gevoeligheid.
Klinische studies met 13.119 patiënten die geïnhaleerde budesonide kregen en 7278 patiënten die placebo kregen werden samengevoegd. De frequentie van angst was 0,52% voor geïnhaleerde budesonide en 0,63% voor placebo, de frequentie van depressie was 0,67% voor geïnhaleerde budesonide en 1,15% voor placebo.
Pediatrische patiënten
Vanwege het risico van groeivertraging bij kinderen, dient de groei gevolgd te worden zoals beschreven in rubriek 4.4.
Effect op het groeiproces
Zowel astma als geïnhaleerde corticosteroïden kunnen het groeiproces beïnvloeden. Het effect van PULMICORT vernevelsuspensie op het groeiproces werd bij 519 kinderen bestudeerd (van 8 maand tot 9 jaar) in 3 open prospectieve en gerandomiseerde studies. Er werd geen enkel verschil vastgesteld in het groeiproces van de kinderen met PULMICORT vernevelsuspensie behandeld en van deze die een conventionele therapie volgden; 2 studies (n= respectievelijk 239 en 72) toonden een groei die 7 en 8 mm hoger lag na een jaar behandeling met PULMICORT vernevelsuspensie, in vergelijking met een conventionele behandeling met inbegrip van geïnhaleerde glucocorticosteroïden (geen statistisch significant verschil).
In een andere studie (n = 208) lag de groei over één jaar 8 mm lager bij de “PULMICORT vernevelsuspensie”-groep dan deze bij de groep met een “conventionele therapie” zonder geïnhaleerde glucocorticosteroïden (statistisch significant).
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via:
België
Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten
www.fagg.be
Afdeling Vigilantie:
Website: www.eenbijwerkingmelden.be
e-mail: adr@fagg-afmps.be
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
AstraZeneca nv/sa
Alfons Gossetlaan 40 bus 201
1702 Groot-Bijgaarden
België
Tel. +32 (0)2/370 48 11
8. NUMMERS VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
PULMICORT 0,25 mg/ml, vernevelsuspensie: BE 156046
PULMICORT 0,5 mg/ml, vernevelsuspensie: BE 156037
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
03-2026
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0391292 | PULMICORT SUSP POUR NEB. 0,50MG/ML 20X2ML | R03BA02 | € 32,02 | - | Ja | € 8,19 | € 4,87 |
| 1204692 | PULMICORT SUSP POUR NEB. 0,25MG/ML 20X2ML | R03BA02 | € 21,69 | - | Ja | € 5,41 | € 3,24 |