1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Mimpara 30 mg filmomhulde tabletten
Mimpara 60 mg filmomhulde tabletten
Mimpara 90 mg filmomhulde tabletten
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Mimpara 30 mg filmomhulde tabletten
Elke tablet bevat 30 mg cinacalcet (als hydrochloride).
Hulpstof met bekend effect
Elke tablet bevat 2,74 mg lactose.
Mimpara 60 mg filmomhulde tabletten
Elke tablet bevat 60 mg cinacalcet (als hydrochloride).
Hulpstof met bekend effect
Elke tablet bevat 5,47 mg lactose.
Mimpara 90 mg filmomhulde tabletten
Elke tablet bevat 90 mg cinacalcet (als hydrochloride).
Hulpstof met bekend effect
Elke tablet bevat 8,21 mg lactose.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Filmomhulde tablet (tablet).
Mimpara 30 mg filmomhulde tabletten
Lichtgroene, ovale (ongeveer 9,7 mm lange en 6,0 mm brede), filmomhulde tablet met de opdruk “AMG” op de ene zijde en “30” op de andere.
Mimpara 60 mg filmomhulde tabletten
Lichtgroene, ovale (ongeveer 12,2 mm lange en 7,6 mm brede), filmomhulde tablet met de opdruk “AMG” op de ene zijde en “60” op de andere.
Mimpara 90 mg filmomhulde tabletten
Lichtgroene, ovale (ongeveer 13,9 mm lange en 8,7 mm brede), filmomhulde tablet met de opdruk “AMG” op de ene zijde en “90” op de andere.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Secundaire hyperparathyreoïdie
Volwassenen
Behandeling van secundaire hyperparathyreoïdie (HPT) bij volwassen dialysepatiënten met ernstig nierfalen (End‑Stage Renal Disease; ESRD).
Pediatrische patiënten
Behandeling van secundaire hyperparathyreoïdie (HPT) bij kinderen van 3 jaar en ouder met ernstig nierfalen (ESRD) die onderhoudsdialysetherapie ondergaan en bij wie de secundaire HPT niet op een adequate manier onder controle kan worden gebracht met standaardbehandeling (zie rubriek 4.4).
Mimpara kan zo nodig worden gebruikt als onderdeel van een therapeutisch regime met fosfaatbinders en/of vitamine‑D‑sterolen (zie rubriek 5.1).
Parathyroïdcarcinoom en primaire hyperparathyreoïdie bij volwassenen
Reductie van hypercalciëmie bij volwassen patiënten met:
- parathyroïdcarcinoom.
- primaire HPT waarbij parathyroïdectomie op basis van serumcalciumconcentraties (zoals bepaald door relevante behandelingsrichtlijnen) geïndiceerd zou zijn, maar waarbij parathyroïdectomie klinisch niet aangewezen of gecontra-indiceerd is.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
Secundaire hyperparathyreoïdie
Volwassenen en ouderen (> 65 jaar)
De aanbevolen startdosering voor volwassenen is 30 mg eenmaal daags. Mimpara dient elke 2 tot 4 weken te worden getitreerd tot een maximumdosering van 180 mg eenmaal daags om bij dialysepatiënten een iPTH (intact parathyroïd hormoon, PTH) streefwaarde te bereiken van 150‑300 pg/ml (15,9‑31,8 pmol/l). PTH‑concentraties dienen niet eerder dan 12 uren na inname van Mimpara te worden bepaald. De huidige behandelingsrichtlijnen dienen te worden geraadpleegd.
PTH dient 1 tot 4 weken na de start of na een dosisaanpassing van Mimpara te worden bepaald. Tijdens de onderhoudsbehandeling dient PTH ongeveer elke 1‑3 maanden gecontroleerd te worden. Voor het meten van PTH‑concentraties kan zowel het intact PTH (iPTH) als het bio-intact PTH (biPTH) worden gebruikt; de relatie tussen iPTH en biPTH wordt niet gewijzigd door de behandeling met Mimpara.
Dosisaanpassingen gebaseerd op serumcalciumconcentraties
Gecorrigeerd serumcalcium moet worden bepaald en gecontroleerd en dit moet gelijk of hoger zijn dan de ondergrens van het normale bereik voordat de eerste dosis van Mimpara wordt toegediend (zie rubriek 4.4). Het normale calciumbereik kan verschillen afhankelijk van de methodes die door uw lokale laboratorium worden gebruikt.
Gedurende dosistitratie dienen de serumcalciumconcentraties frequent en binnen 1 week na de start of na een dosisaanpassing van Mimpara te worden gecontroleerd. Nadat de onderhoudsdosering is bepaald, dient de serumcalciumconcentratie ongeveer maandelijks te worden bepaald. Als de serumcalciumconcentratie daalt tot onder 8,4 mg/dl (2,1 mmol/l) en/of als er symptomen van hypocalciëmie optreden, worden de volgende richtlijnen aanbevolen:
Gecorrigeerde serumcalciumconcentratie of klinische symptomen van hypocalciëmie | Aanbevelingen |
Serumcalciumconcentraties < 8,4 mg/dl (2,1 mmol/l) en > 7,5 mg/dl (1,9 mmol/l), of als er symptomen van hypocalciëmie optreden | Verhoog de serumcalciumconcentratie met calcium-bevattende fosfaatbinders, vitamine D‑sterolen en/of aanpassing van de calciumconcentratie in de dialysevloeistof volgens de klinische beoordeling. |
Serumcalciumconcentraties < 8,4 mg/dl (2,1 mmol/l) en > 7,5 mg/dl (1,9 mmol/l), of als de verschijnselen van hypocalciëmie aanhouden ondanks pogingen om serumcalcium te verhogen | Verlaag de dosis of stop de toediening van Mimpara. |
Serumcalciumconcentraties ≤ 7,5 mg/dl (1,9 mmol/l), of als de symptomen van hypocalciëmie aanhouden en de dosis vitamine D niet kan worden verhoogd | Stop de toediening van Mimpara totdat de serumcalciumconcentratie 8,0 mg/dl (2,0 mmol/l) bereikt en/of de symptomen van hypocalciëmie zijn verdwenen. |
Pediatrische patiënten
Gecorrigeerd serumcalcium moet in het bovenste bereik zijn van het leeftijdsspecifieke referentie-interval of erboven, voordat de eerste dosis van Mimpara wordt toegediend en moet nauwgezet worden gecontroleerd (zie rubriek 4.4). Het normale calciumbereik kan verschillen afhankelijk van de methodes die door uw lokale laboratorium worden gebruikt en de leeftijd van het kind/de patiënt.
De aanbevolen startdosering voor kinderen ≥ 3 jaar en < 18 jaar is ≤ 0,20 mg/kg eenmaal daags gebaseerd op het drooggewicht van de patiënt (zie tabel 1).
De dosering kan worden verhoogd om het gewenste iPTH‑streefbereik te behalen. De dosering dient sequentieel te worden verhoogd met beschikbare dosisintervallen (zie tabel 1) en niet vaker dan om de 4 weken. De dosering kan worden verhoogd tot een maximale dosering van 2,5 mg/kg/dag, zonder de totale dagelijkse dosering van 180 mg te overschrijden.
Tabel 1. Mimpara dagelijkse dosis voor pediatrische patiënten
Drooggewicht patiënt (kg) | Startdosis (mg) | Beschikbare opeenvolgende doses (mg) |
10 tot < 12,5 | 1 | 1, 2,5, 5, 7,5, 10 en 15 |
≥ 12,5 tot < 25 | 2,5 | 2,5, 5, 7,5, 10, 15 en 30 |
≥ 25 tot < 36 | 5 | 5, 10, 15, 30 en 60 |
≥ 36 tot < 50 | 5, 10, 15, 30, 60 en 90 | |
≥ 50 tot < 75 | 10 | 10, 15, 30, 60, 90 en 120 |
≥ 75 | 15 | 15, 30, 60, 90, 120 en 180 |
Dosisaanpassingen gebaseerd op PTH‑concentraties
PTH‑concentraties dienen niet eerder dan 12 uur na inname van Mimpara te worden bepaald en iPTH dient 1 tot 4 weken na de start of na een dosisaanpassing van Mimpara te worden bepaald.
De dosis dient te worden aangepast, gebaseerd op iPTH zoals hieronder aangegeven:
- Als iPTH < 150 pg/ml (15,9 pmol/l) en ≥ 100 pg/ml (10,6 pmol/l)is, verlaag dan de dosis van Mimpara tot de eerstvolgende beschikbare lagere dosis.
- Als iPTH < 100 pg/ml (10,6 pmol/l) is, stop dan de behandeling met Mimpara, hervat Mimpara met de eerstvolgende beschikbare lagere dosis wanneer het iPTH > 150 pg/ml (15,9 pmol/l) is. Als de behandeling met Mimpara gedurende meer dan 14 dagen is gestaakt, hervat dan met de aanbevolen startdosis.
Dosisaanpassing gebaseerd op serumcalciumconcentraties
Serumcalciumconcentraties dienen te worden bepaald binnen 1 week na de start of na een dosisaanpassing van Mimpara.
Nadat de onderhoudsdosering is vastgesteld, is het aanbevolen om wekelijks het serumcalcium te bepalen. De serumcalciumconcentratie bij pediatrische patiënten dient binnen het normale bereik te worden gehouden. Als de serumcalciumconcentratie daalt onder het normale bereik of als er symptomen van hypocalciëmie optreden, dienen dosisaanpassingen te worden gedaan zoals onderstaand aangegeven in tabel 2:
Tabel 2. Dosisaanpassing bij pediatrische patiënten ≥ 3 tot < 18 jaar oud
Gecorrigeerde serumcalciumconcentratie of klinische symptomen van hypocalciëmie | Doseringsaanbevelingen |
Gecorrigeerde serumcalcium is gelijk of lager dan de leeftijdsspecifieke ondergrens van het normale bereik | Staak de behandeling met Mimpara.* |
Gecorrigeerde totale serumcalcium is hoger dan de leeftijdsspecifieke ondergrens en | Hervat de behandeling met de eerstvolgende lagere dosis. Als de behandeling met Mimpara gedurende meer dan 14 dagen is gestaakt, hervat dan met de aanbevolen startdosis. |
*Als de behandeling is gestaakt dient het gecorrigeerde serumcalcium te worden bepaald binnen 5 tot 7 dagen
De veiligheid en de werkzaamheid van Mimpara voor de behandeling van secundaire hyperparathyreoïdie bij kinderen van jonger dan 3 jaar oud zijn niet vastgesteld. Er zijn onvoldoende gegevens beschikbaar.
Van etelcalcetide overgaan op Mimpara
De switch van etelcalcetide naar Mimpara en de benodigde wash-outperiode is niet bij patiënten onderzocht. Mimpara mag niet worden gestart bij patiënten die zijn gestopt met etelcalcetide totdat ze ten minste drie opeenvolgende hemodialysebehandelingen hebben ondergaan waarbij het serumcalcium is gemeten. Controleer of het serumcalciumniveau binnen het normale bereik valt, voordat met Mimpara gestart wordt (zie rubriek 4.4 en 4.8).
Parathyroïdcarcinoom en primaire hyperparathyreoïdie
Volwassenen en ouderen (> 65 jaar)
De aanbevolen startdosering van Mimpara voor volwassenen is 30 mg tweemaal daags. De dosering van Mimpara dient elke 2 tot 4 weken getitreerd te worden door middel van sequentiële dosering van 30 mg tweemaal daags, 60 mg tweemaal daags, 90 mg tweemaal daags en 90 mg drie- of viermaal daags zoals benodigd om de serumcalciumconcentratie te verlagen tot op of onder de bovengrens van het normale bereik. De maximale in klinische onderzoeken gebruikte dosering was 90 mg viermaal daags.
De serumcalciumconcentratie dient binnen 1 week na de start of na een dosisaanpassing van Mimpara te worden bepaald. Zodra de onderhoudsdosering is vastgesteld, dient de serumcalciumconcentratie elke 2 tot 3 maanden te worden bepaald. Na titratie tot de maximale dosering van Mimpara dient de serumcalciumconcentratie periodiek te worden gecontroleerd; als klinisch relevante verlaging van de serumcalciumconcentratie niet wordt gehandhaafd, dient stopzetting van de therapie met Mimpara te worden overwogen (zie rubriek 5.1).
Pediatrische patiënten
De veiligheid en de werkzaamheid van Mimpara voor de behandeling van parathyroïdcarcinoom en primaire hyperparathyreoïdie bij kinderen zijn niet vastgesteld. Er zijn geen gegevens beschikbaar.
Leverfunctiestoornis
Aanpassing van de startdosis is niet nodig. Mimpara dient met voorzichtigheid gebruikt te worden bij patiënten met matige tot ernstige leverfunctiestoornis en de behandeling dient nauwlettend gecontroleerd te worden tijdens dosistitratie en tijdens onderhoudsbehandeling met Mimpara (zie rubriek 4.4 en 5.2).
Wijze van toediening
Voor oraal gebruik.
Tabletten dienen in hun geheel te worden ingenomen en niet te worden gekauwd, geplet of gebroken.
Aanbevolen wordt Mimpara in te nemen met voedsel of kort na een maaltijd, daar onderzoeken hebben aangetoond dat de biologische beschikbaarheid van cinacalcet bij inname met voedsel verhoogd is (zie rubriek 5.2).
Mimpara is ook beschikbaar als granulaat voor pediatrisch gebruik. Kinderen die een lagere dosis nodig hebben dan 30 mg of die niet in staat zijn de tabletten door te slikken, dienen Mimpara granulaat te krijgen.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor één van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
Hypocalciëmie (zie rubriek 4.2 en 4.4)
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
Secundaire hyperparathyreoïdie, parathyroïdcarcinoom en primaire hyperparathyreoïdie
Op basis van de beschikbare gegevens van patiënten die cinacalcet kregen in placebogecontroleerde onderzoeken en eenarmige onderzoeken waren de vaakst gerapporteerde bijwerkingen misselijkheid en braken. Misselijkheid en braken waren bij de meeste patiënten licht tot matig van ernst en van voorbijgaande aard. Stopzetting van de therapie vanwege het optreden van bijwerkingen gebeurde voornamelijk ten gevolge van misselijkheid en braken.
Tabel met bijwerkingen
Bijwerkingen die ten minste mogelijk aan de behandeling met cinacalcet in de placebogecontroleerde onderzoeken en eenarmige onderzoeken kunnen worden toegeschreven, gebaseerd op een zo gefundeerd mogelijke causaliteitsbeoordeling, zijn hieronder weergegeven met behulp van de volgende onderverdeling: zeer vaak (≥ 1/10); vaak (≥ 1/100, < 1/10); soms (≥ 1/1.000, < 1/100); zelden (≥ 1/10.000, < 1/1.000); zeer zelden (< 1/10.000).
Incidentie van bijwerkingen in gecontroleerde klinische onderzoeken en postmarketingervaring:
Systeem/orgaanklasse volgens MedDRA | Frequentie | Bijwerking |
Immuunsysteemaandoeningen | Vaak* | Overgevoeligheidsreacties |
Voedings- en stofwisselingsstoornissen | Vaak | Anorexia |
Zenuwstelselaandoeningen | Vaak | Convulsies† |
Hartaandoeningen | Niet bekend* | Verergering van hartfalen† |
Bloedvataandoeningen | Vaak | Hypotensie |
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen | Vaak | Infectie van de bovenste luchtwegen |
Maagdarmstelselaandoeningen | Zeer vaak | Misselijkheid |
Vaak | Dyspepsie | |
Huid- en onderhuidaandoeningen | Vaak | Huiduitslag |
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen | Vaak | Myalgie |
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | Vaak | Asthenie |
Onderzoeken | Vaak | Hypocalciëmie† |
†zie rubriek 4.4
*zie rubriek 'Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen'
Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen
Overgevoeligheidsreacties
Overgevoeligheidsreacties, inclusief angio-oedeem en urticaria, zijn vastgesteld tijdens postmarketinggebruik van Mimpara. De frequentie van de afzonderlijke met voorkeurstermen aangeduide bijwerkingen, waaronder angio-oedeem en urticaria, kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald.
Hypotensie en/of verergering van hartfalen
Bij postmarketingsurveillance van de veiligheid werden idiosyncratische gevallen van hypotensie en/of verergering van hartfalen gerapporteerd bij patiënten met hartfunctiestoornissen die met cinacalcet behandeld werden. De frequentie hiervan kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald.
QT‑verlenging en ventriculaire aritmie volgend op hypocalciëmie
QT‑verlenging en ventriculaire aritmie volgend op hypocalciëmie zijn vastgesteld tijdens postmarketinggebruik van Mimpara. De frequentie hiervan kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald (zie rubriek 4.4).
Pediatrische patiënten
De veiligheid van Mimpara voor de behandeling van secundaire HPT bij pediatrische patiënten met ESRD die dialyse ondergaan, is onderzocht in twee gerandomiseerde, gecontroleerde onderzoeken en in één eenarmig onderzoek (zie rubriek 5.1). Van alle pediatrische patiënten die blootgesteld werden aan cinacalcet tijdens klinische studies hadden in totaal 19 patiënten (24,1%; 64,5 per 100 patiëntjaren) ten minste één ongewenst voorval van hypocalciëmie. Er werd een fatale afloop gemeld in een pediatrisch klinisch onderzoek bij een patiënt met ernstige hypocalciëmie (zie rubriek 4.4).
Mimpara dient enkel te worden gebruikt bij pediatrische patiënten als het mogelijke voordeel het mogelijke risico rechtvaardigt.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico's van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het nationale meldsysteem :
België
Federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten
Afdeling Vigilantie
EUROSTATION II
Victor Hortaplein, 40/40
B-1060 Brussel
Website: www.fagg.be
E-mail: adversedrugreactions@fagg-afmps.be
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Amgen Europe B.V.
Minervum 7061
4817 ZK Breda
Nederland
8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
EU/1/04/292/001 – 30 mg doos met 14 tabletten
EU/1/04/292/002 – 30 mg doos met 28 tabletten
EU/1/04/292/003 – 30 mg doos met 84 tabletten
EU/1/04/292/004 – 30 mg fles met 30 tabletten
EU/1/04/292/005 – 60 mg doos met 14 tabletten
EU/1/04/292/006 – 60 mg doos met 28 tabletten
EU/1/04/292/007 – 60 mg doos met 84 tabletten
EU/1/04/292/008 – 60 mg fles met 30 tabletten
EU/1/04/292/009 – 90 mg doos met 14 tabletten
EU/1/04/292/010 – 90 mg doos met 28 tabletten
EU/1/04/292/011 – 90 mg doos met 84 tabletten
EU/1/04/292/012 – 90 mg fles met 30 tabletten
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
januari 2020
Gedetailleerde informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau (http://www.ema.europa.eu).
PRIJZEN
| CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2180909 | MIMPARA TABL 28 X 90 MG | H05BX01 | € 383,58 | - | Ja | - | - |
| 2180917 | MIMPARA TABL 28 X 60 MG | H05BX01 | € 270,48 | - | Ja | - | - |
| 2180925 | MIMPARA TABL 28 X 30 MG | H05BX01 | € 149,58 | - | Ja | - | - |