SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Lariam 250 mg tabletten
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Het actieve bestanddeel is mefloquine. Het is aanwezig onder de vorm van mefloquinehydrochloride (274,09 mg), wat overeenkomt met 250 mg mefloquine.
Voor een volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Tabletten.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Bij het voorschrijven van middelen tegen malaria verdient het aanbeveling rekening te houden met de adviezen die door de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu worden verstrekt in overeenstemming met de aanbevelingen van de Wereld Gezondheids Organisatie.
Chemoprofylaxe, behandeling en eerste-hulp behandeling van malaria.
Chemoprofylaxe : Chemoprofylaxe met Lariam wordt aanbevolen voor reizigers die zich begeven naar gebieden waar malaria heerst, en vooral gebieden, waar een hoog risico bestaat op infectie door P. falciparum stammen, die resistent zijn tegen andere middelen tegen malaria. De laatste aanbevelingen terzake kunnen worden aangevraagd bij het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen, Nationalestraat 155, 2000 Antwerpen (tel. 0900/10110 Travelphone).
Behandeling : Lariam is aangewezen voor de perorale behandeling van malaria, vooral wanneer de malaria wordt veroorzaakt door P. falciparum stammen, die resistent zijn tegen andere middelen tegen malaria. Lariam kan ook worden gebruikt voor de behandeling van malaria ten gevolge van P. vivax en van gemengde malaria (zie rubriek 4.2). Aangezien de gevoeligheid van de parasieten geografisch en in de tijd kan verschillen, wordt aanbevolen om bij de behandeling de nationale en internationale richtlijnen te volgen.
Eerste-hulp behandeling : Lariam wordt eveneens voorgeschreven aan reizigers als eerste-hulp geneesmiddel, om mee te nemen en als spoedmaatregel in te nemen voor de behandeling van een vermoedelijke aanval van malaria, wanneer een snelle hulpverlening binnen de 24 uren door een arts niet mogelijk is.
4.2 Dosering en wijze van toediening
WAARSCHUWING :
Verwarring tussen de doses voor preventie en de doses voor behandeling houdt een risico op ongevallen in.
De toediening van een oplaaddosis kan gepaard gaan met een toename van de bijwerkingen.
Mefloquine heeft een bittere en verbrande smaak. De tabletten Lariam moeten in hun geheel worden ingeslikt met minstens één glas vloeistof.
Voor toediening aan kleine kinderen en aan patiënten die de hele tabletten niet kunnen inslikken, kunnen deze worden verbrijzeld en in suspensie gebracht in wat water, melk of een andere alcoholvrije drank.
Wanneer de chemoprofylaxe met Lariam mislukt, dient men met zorg te evalueren welk antimalariamiddel moet gebruikt worden voor de behandeling. Wat het gebruik van halofantrine betreft, zie rubrieken 4.3, 4.4 en 4.5.
Chemoprofylaxe
Standaardposologie
De aanbevolen chemoprofylactische dosis van Lariam bedraagt ongeveer 5 mg/kg lichaamsgewicht eenmaal per week.
Lichaamsgewicht Dosis
5-20 kg ¼ tablet
>20-30 kg ½ tablet
>30-45 kg ¾ tablet
> 45 kg 1 tablet
Om ervoor te zorgen dat mefloquine goed wordt verdragen, voor aankomst in een endemisch gebied, is het raadzaam om 10 dagen voor vertrek te starten met de mefloquine-chemoprofylaxe (d.w.z. de eerste inname 10 dagen voor vertrek en de tweede inname 3 dagen voor vertrek). De volgende doses moeten één keer per week worden ingenomen (op een vaste dag).
Bij kinderen jonger dan 3 maanden of die minder dan 5 kg wegen, is de ervaring met Lariam beperkt. De posologie voor kinderen werd geëxtrapoleerd op basis van de aanbevolen dosis bij volwassenen (zie rubriek 5.2).
Bijzondere posologie
Voor reizigers die op het laatste ogenblik moeten vertrekken naar gebieden met hoog risico en die de chemoprofylaxe niet kunnen starten ten minste 1 week voor hun aankomst in de endemische zone, is de toediening van een "oplaaddosis" aanbevolen. Deze bestaat in een dagelijks toegediende weekdosis gedurende 3 opeenvolgende dagen, daarna gevolgd door de standaard wekelijkse dosis.
Dag 1 1e dosis
Dag 2 2e dosis
Dag 3 3e dosis
Daarna standaard wekelijkse dosis
Wanneer de reiziger ook een ander geneesmiddel inneemt, is het ook wenselijk de chemoprofylaxe in te stellen 2 tot 3 weken vóór het vertrek om na te gaan of de combinatie van de geneesmiddelen goed wordt verdragen (zie rubriek 4.5).
Om het risico op ontwikkeling van malaria na het verlaten van de endemische zone te verkleinen, wordt de chemoprofylactische behandeling nog gedurende 4 bijkomende weken voortgezet om een voldoende bloedspiegel te verzekeren wanneer de merozoïeten uit de lever komen.
Behandeling
Standaardposologie
Voor niet-immune patiënten wordt een totale curatieve dosis van 20-25 mg/kg lichaamsgewicht mefloquine aanbevolen.
Lichaamsgewicht (kg) Totale dosis Verdeelde dosis (*)
5-10 kg ½-1 tablet
>10-20 kg 1-2 tabletten
>20-30 kg 2-3 tabletten 2+1
>30-45 kg 3-4 tabletten 2+2
>45-60 kg 5 tabletten 3+2
>60 kg 6 tabletten 3+2+1
* De verdeling van de totale therapeutische dosis in 2-3 innamen om de 6 tot 8 uren kan het optreden en de ernst van de ongewenste effecten verminderen.
Bij kinderen jonger dan 3 maanden of die minder dan 5 kg wegen, is de ervaring met Lariam beperkt.
Men heeft geen specifieke ervaring met totale doses van meer dan 6 tabletten bij patiënten met een zeer hoog lichaamsgewicht.
Bijzondere posologie
Als zorgstandaard voor de behandeling van malaria door P. falciparum wordt een artemisinine-gebaseerde combinatietherapie (ACT) aanbevolen, ongeacht het gebied of waar de infectie werd opgelopen. Het verdient aanbeveling de partnermolecule mefloquine op te nemen in de ACT. Combinatietherapieën op basis van artemisinine moeten minstens 3 dagen van behandeling met een artemisininederivaat omvatten. Bij het voorschrijven van een middel tegen malaria dient men steeds rekening te houden met de modellen van plaatselijke resistentie in het gebied of waar de infectie zich voordeed.
Bij gedeeltelijk geïmmuniseerde patiënten, d.w.z. inwoners van endemische gebieden, moet ook een volledige standaard dosis worden gebruikt.
De patiënten die minder dan 30 minuten na de inname van het geneesmiddel braken, moeten een tweede volledige dosis innemen. Als de patiënt 30 tot 60 minuten na de inname braakt, moet een halve aanvullende dosis worden ingenomen.
Na een behandeling van malaria ten gevolge van P. vivax moet men als chemoprofylaxe tegen een recidief een 8-aminoquinoleïnederivaat (primaquine) toedienen om de hepatische vormen uit te schakelen.
Als een volledige behandelingscyclus met Lariam binnen 48 tot 72 uur geen verbetering geeft, zal men Lariam niet opnieuw geven en tot een alternatieve behandeling overgaan. Als de patiënt tijdens een periode van chemoprofylactische inname van Lariam een malaria-aanval doormaakt, moet zorgvuldig worden overwogen met welk middel tegen malaria deze aanval moet worden behandeld. Wat het gebruik van halofantrine betreft, zie rubrieken 4.4 en 4.5.
In geval van een ernstige acute malaria kan Lariam worden gegeven na een initiële behandeling van minstens 2-3 dagen met kinine intraveneus. Interacties die bijwerkingen veroorzaken, kunnen grotendeels worden vermeden door minstens 12 uur na de laatste toediening van kinine te wachten.
De patiënten moeten gewaarschuwd worden dat een behandeling tegen malaria die doeltreffend is gebleken, de kans op herinfectie of heropflakkering niet uitsluit.
Eerste-hulp behandeling
Lariam kan worden voorgeschreven om te worden gebruikt als eerste-hulp geneesmiddel, wanneer een snelle medische hulpverlening binnen de 24 uren na het optreden van de symptomen niet mogelijk is. De behandeling begint dan met een dosis van ongeveer 15 mg/kg (hetzij 3 tabletten Lariam bij patiënten van 45 kg of meer). Als de patiënt niet binnen 24 uur door een arts kan worden onderzocht, moet een tweede fractie van de totale curatieve dosis (2 tabletten bij patiënten van 45 kg of meer) 6-8 uur later worden ingenomen, althans als er geen ernstige bijwerkingen zijn opgetreden. Patiënten die meer dan 60 kg wegen, moeten nog een extra tablet innemen 6-8 uur na de tweede inname. (Zie aanbevolen dosis voor de behandeling in de rubriek 4.2).
De patiënten aanraden zodra mogelijk een arts te raadplegen, ook als ze zich volledig hersteld voelen, om de vermoedelijke diagnose te bevestigen of te weerleggen.
4.3 Contra-indicaties
- Overgevoeligheid voor de werkzame stof of gerelateerde producten (bijv. kinine of kinidine) of voor één van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
- Chemoprofylaxe bij patiënten met een depressie, voorgeschiedenis van depressie, algemene angststoornis, psychose, zelfmoordpogingen, suïcidale gedachten en gedrag waarbij men zichzelf in gevaar brengt, schizofrenie of andere psychiatrische aandoeningen, of met een voorgeschiedenis van convulsies (ongeacht de herkomst) (zie rubriek 4.4 en 4.5).
- Halofantrine mag niet gelijktijdig worden gebruikt met mefloquine (als chemoprofylaxe of als therapeutische behandeling van malaria) of binnen 15 weken na de laatste dosis mefloquine, vanwege het risico op een potentieel fatale verlenging van het QTc-interval (zie rubriek 4.4 en 4.5).
- Patiënten met een voorgeschiedenis van zwartwaterkoorts (‘Blackwater fever’), een complicatie van malaria falciparum met massieve intravasculaire hemolyse die leidt tot hemoglobinurie.
- Patiënten met een ernstige leverfunctiestoornis (zie rubriek 4.4 en 4.8)
4.8 Bijwerkingen
a) Samenvatting van het veiligheidsprofiel
Bij de dosering gebruikt voor therapeutische behandeling van acute malaria kunnen bijwerkingen van mefloquine moeilijk te onderscheiden zijn van de symptomen van de ziekte zelf.
Bij gebruik als chemoprofylaxe wordt het veiligheidsprofiel van mefloquine overwegend gekenmerkt door neuro-psychiatrische bijwerkingen. Bijwerkingen kunnen ook optreden na het staken van het gebruik van dit geneesmiddel.
De meest vaak voorkomende bijwerkingen van mefloquine bij chemoprofylaxe zijn misselijkheid, braken en duizeligheid. Misselijkheid en braken zijn over het algemeen mild en deze kunnen afnemen bij langdurig gebruik, ondanks de toename van mefloquine-plasmaspiegels. Bij een klein aantal patiënten is gemeld dat neuro-psychiatrische reacties (bv. depressie, duizeligheid of vertigo en evenwichtsverlies) konden aanhouden gedurende een aantal maanden of langer, zelfs na het staken van behandeling met dit geneesmiddel.
b) Tabel met bijwerkingen
In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van bijwerkingen, gebaseerd op postmarketing-gegevens en een dubbelblinde, gerandomiseerde studie met 483 patiënten die behandeld werden met mefloquine (Overbosch et al. 2001). De weergegeven frequenties in deze tabel zijn gebaseerd op de dubbelblinde, gerandomiseerde studie.
Bijwerkingen worden weergegeven in volgorde van frequentie per orgaansysteem, met de volgende definities voor de frequentie: | |
Bloed- en lymfestelselaandoeningenc) | |
Niet bekend | Agranulocytose, aplastische anemie, leukopenie, leukocytose, trombocytopenie |
Immuunsysteemaandoeningenc) | |
Niet bekend | Overgevoeligheid variërend van milde huiduitslag tot anafylaxie |
Voedings- en stofwisselingsstoornissen | |
Niet bekend | Verminderde eetlust |
Psychische stoornissen a), b) , c) | |
Zeer vaak | Abnormale dromen, insomnia |
Vaak | Angst, depressie |
Niet bekend | Zelfmoord, poging tot zelfmoord, suïcidale gedachten en gedrag waarbij men zichzelf in gevaar brengt, bipolaire stoornis, psychotische stoornissen waaronder bijvoorbeeld waanvoorstellingen, depersonalisatie, manie en schizofrenie/schizofreniforme stoornis, paranoia, paniekaanvallen, verwardheid, hallucinaties, agressie, agitatie, rusteloosheid, stemmingswisselingen, concentratiestoornis |
Zenuwstelselaandoeningen a), b), c) | |
Vaak | Duizeligheid, hoofdpijn |
Niet bekend | Encefalopathie, verlamming van de schedelzenuwen, convulsies, amnesie (soms langdurig aanhoudend voor meer dan 3 maanden), syncope, spraakstoornis, geheugen beperking, evenwichtsstoornis, stapstoornissen, perifere motorische neuropathie (inclusief paresthesie, tremor en ataxie), perifere sensorische neuropathie, slaperigheid |
Affections oculairesc) | |
Vaak | Visuele beperking |
Niet bekend | Cataract, retinale aandoeningen en optische neuropathie die vertraagd kunnen optreden tijdens of na behandeling, wazig zien |
Affections de l'oreille et du labyrinthe | |
Vaak | Vertigo |
Niet bekend | Vestibulaire aandoeningen waaronder tinnitus, gedeeltelijke doofheid (soms langdurig), gehoorbeperking en hyperacusis |
Hartaandoeningenc) | |
Niet bekend | AV blok, tachycardie, palpitatie, bradycardie, onregelmatig hartritme, extrasystolen, andere tijdelijke geleidingsaandoening |
Bloedvataandoeningen | |
Niet bekend | Cardiovasculaire aandoening (hypotensie, hypertensie, opvliegers) |
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningenc) | |
Niet bekend | Pneumonie, pneumonitis van mogelijk allergene etiologie, dyspneu |
Maagdarmstelselaandoeningen | |
Vaak | Misselijkheid, diarree, buikpijn, braken |
Niet bekend | Pancreatitis, dyspepsie |
Lever- en galaandoeningenc) | |
Niet bekend | Leverfalen, hepatitis, geelzucht, asymptomatische tijdelijke verhoogde transaminases (ALAT, ASAT, G-GT) |
Huid- en onderhuidaandoeningen | |
Vaak | Pruritus |
Niet bekend | Stevens-Johnson syndroom, erythema multiforme, uitslag, erytheem, urticaria, alopecia, hyperhidrosis |
Skeletspierstelsel-, bindweefsel- en botaandoeningen | |
Niet bekend | Spierzwakte, spierspasmen, myalgie, artralgie |
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | |
Niet bekend | Oedeem, pijn op de borst, asthenie, malaise, vermoeidheid, rillingen, pyrexie |
Nier- en urinewegaandoeningen | |
Niet bekend | Acuut nierfalen, nefritis, verhoogd creatininegehalte in het bloed |
a) Soms is gemeld dat deze symptomen aanhouden lang nadat mefloquine werd gestaakt.
b) Zie rubriek 4.8 c).
c) Zie rubriek 4.4
c) Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen
Neuropsychiatrische bijwerkingen
Indien neuro-psychiatrische symptomen of veranderingen in de geestestoestand optreden tijdens mefloquine-chemoprofylaxe, moeten patiënten geadviseerd worden om onmiddellijk met het gebruik van mefloquine te stoppen en een arts te raadplegen, zodat mefloquine kan worden vervangen door een ander middel ter preventie van malaria (zie rubriek 4.4).
Slaapstoornissen en abnormale dromen/nachtmerries
Abnormale dromen en insomnia zijn zeer vaak voorkomende bijwerkingen van mefloquine. Om die reden moet rekening gehouden worden met de significantie ervan bij de algemene beoordeling van patiënten die reacties of veranderingen in hun mentale toestand melden bij gebruik van mefloquine (zie omkaderde tekst rubriek 4.4).
In vitro- en in vivo-studies toonden geen hemolyse geassocieerd met G6PD-deficiëntie aan.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het nationale meldsysteem:
België
Federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten
Afdeling Vigilantie
EUROSTATION II
Victor Hortaplein, 40/ 40
B-1060 Brussel
Website: www.fagg.be
e-mail: adversedrugreactions@fagg-afmps.be
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
N.V. Roche S.A., Dantestraat 75, B-1070 Brussel
8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
BE149073
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
10/02/2018
PRIJZEN
CNK code | Verpakking | ATC5 code | Prijs | Af-fabriek prijs | Voorschriftplichtig | Remgeld reguliere tegemoetkoming | Remgeld verhoogde tegemoetkoming |
---|---|---|---|---|---|---|---|
0323972 | LARIAM COMP 8 X 250 MG | P01BC02 | € 34,74 | - | Ja | - | - |