SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN
1. NAAM VAN HET DIERGENEESMIDDEL
SPECTOLIPHEN 100, 222 mg/g + 444 mg/g, poeder voor gebruik in drinkwater bij varkens en kippen
4. FARMACOLOGISCHE GEGEVENS
4.2 Farmacodynamische eigenschappen
Het diergeneesmiddel is een combinatie van 2 antibiotica:
lincomycine, een lincosamide, en spectinomycine, een aminocyclitol-antibioticum dat is afgeleid van Streptomyces spectabilis.
Lincomycine stoort de bacteriële eiwitsynthese via haar binding met de 50 S ribosomale subunit waardoor de interactie van het bacteriële transfer RNA met dit organel wordt gehinderd.
Lincomycine werkt bacteriostatisch. Een bactericide werking treedt op in vitro concentraties die 5 à 10 maal hoger liggen. Lincomycine is werkzaam tegen Gram-positieve bacteriën, enkele anaerobe Gram-negatieve bacteriën en mycoplasma's. Het middel heeft weinig of geen werking tegen Gram-negatieve bacteriën zoals Escherichia coli.
Spectinomycine inhibeert de bacteriële eiwitsynthese ter hoogte van de 30 S ribosomale subunit van de bacteriecel; bactericide activiteit komt in vitro slechts tot uiting bij concentraties die 100 maal hoger liggen dan de bacteriostatische.
Spectinomycine is een aminocyclitol-antibioticum dat is afgeleid van Streptomyces spectabilis,het heeft bacteriostatische activiteit en is werkzaam tegen Mycoplasma spp en tegen enkele Gramnegatieve bacteriën zoals E.coli.
Het mechanisme waarmee oraal toegediend spectinomycine inwerkt op pathogenen op systemisch niveau ondanks een slechte absorptie is nog niet helemaal duidelijk en kan deels berusten op indirecte effecten op de darmflora. Bij E. coli lijkt de MIC-verdeling bimodaal te zijn, met een belangrijk aantal stammen dat hoge MIC-waarden vertoont. Dit zou deels overeen kunnen komen met natuurlijke (intrinsieke) resistentie.
Uit in-vitro-onderzoeken en klinische werkzaamheidsgegevens blijkt dat de lincomycine-spectinomycinecombinatie werkzaam is tegen Lawsonia intracellularis. Wegens technische beperkingen is de gevoeligheid van Lawsonia intracellularis moeilijk in vitro te testen en gegevens over de resistentiestatus voor deze soort ontbreken.
4.3 Farmacokinetische eigenschappen
Bij varkens stijgt de lincomycine concentratie in het plasma na een éénmalige orale toediening van 428 mg van het diergeneesmiddel per dier, naar een gemiddelde Cmax van 1.68 ± 0.28 mg/l en dit met een gemiddelde Tmax van 2.48 ± 0.12 h en AUC van 11.68 ± 1.55 mg.h/l. Voor spectinomycine is de gemiddelde Cmax 3.05 ± 0.27 mg/l, Tmax 1.12 ± 0.06 h en AUC 7.32 ± 0.63 mg.h/l. De eliminatie halfwaardetijd (T1/2el) voor lincomycine bedraagt 2.21 ± 0.56 h en voor spectinomycine 0.70 ± 0.12 h.
Na een éénmalige orale toediening aan kippen van 160 mg van het diergeneesmiddel per dier stijgt de concentratie lincomycine in het plasma naar een gemiddelde Cmax van 2.15 mg/l en dit met een gemiddelde Tmax van 1.46 h en AUC van 5.9 mg.h/l. Voor spectinomycine is de gemiddelde Cmax 8.35 mg/l, Tmax 1.55 h en AUC 31.6 mg.h/l. De eliminatie halfwaardetijd (T1/2el) voor lincomycine is 0.70 h en voor spectinomycine 1.61 h.
Lincomycine heeft een uitgesproken lipofiel karakter, dit verklaart de hoge weefselconcentraties, die soms 5 à 10 maal de plasmaconcentratie bedragen. Spectinomycine is weinig vetoplosbaar en maximale weefselconcentraties bedragen nauwelijks 50 % van deze van het plasma.
Lincomycine concentreert zich voornamelijk in de long, de nieren, de lever, de milt, het genitale stelsel en relatief weinig in de skeletspier. De eiwitbinding is middelmatig voor lincomycine (34 %) en gering voor spectinomycine (10 %). Door de geringe orale absorptie van spectinomycine wordt het grootste deel uitgescheiden via de faeces, het systemisch opgenomen deel wordt voor meer dan 75 % uitgescheiden door de nieren via glomerulaire filtratie. Na orale lincomycine toediening bedraagt de renale excretie 10 % van de dosis terwijl 70-80 % via hepatische weg wordt uitgescheiden.